Tags
Gemeente van Jezus Christus,
[Intro]
Wat voor auto iemand rijdt, zegt soms al veel over de persoon. Een stoere jongen met een verlaagde Golf GTI bijvoorbeeld, of een ouder stel dat rijdt in een vierkantige auto met een lekker hoge instap. Of denk aan mensen die een Tesla kochten omdat het zo milieuvriendelijk is, maar die nu eigenlijk niet meer in zo’n Musk-mobiel gezien willen worden…
Je vervoermiddel zegt iets over je. Ik denk aan YouTube sterren die een Ferrari kopen om te Laten zien dat ze succesvol zijn. Liefst in felle kleuren… Maar het kan ook subtieler: alle Nederlandse ministers hebben een mooie auto met chauffeur. Zo Laten ze merken: Ik ben te belangrijk om zelf te rijden. En de duurste Mercedessen zijn vaak niet erg opvallend, maar stralen toch uit: deze persoon heeft geld genoeg.
Stel dat iemand gekroond wordt als koning, met wat voor vervoermiddel zou hij dan komen? Een dure limousine? De gouden koets? Of op een paard misschien, als hij of zij kan paardrijden? Vandaag horen we uit de Bijbel over iemand die zijn intocht doet als koning. Jezus in Jeruzalem. Hij heeft geen limousine, die waren er natuurlijk nog niet. Maar hij zit ook niet trots op een paard, of in een luxe draagstoel zoals ze die destijds hadden. Nee, Jezus komt aanrijden op een ezeltje. En dat vervoermiddel zegt iets over wie Hij is.
[ezel: koning, en wel vredekoning]
Wij zouden het heel raar vinden als prinses Amalia op een ezel reed. Een paard, dat is een trots rijdier! in Israël lag dat toch wat anders. Koningen van Israël reden op een ezel als ze gekroond werden, zo lezen we dat bijvoorbeeld van de grote koning Salomo. Dus op zich past het bij een koninklijke intocht van Jezus, dat hij op een ezel aan komt rijden. Zo had de profeet Zacharia het ook al voorspeld: “uw koning is in aantocht, rijdend op een ezel, het jong van een ezelin”. De leerlingen van Jezus ze begrijpen ook best wat er gebeurt. De koning komt! Ze juichen: “gezegend hij die komt als koning, in de naam van de Heer!”
Aan de ene kant zegt deze intocht van Jezus op een ezel dus dat hij de koning is. Maar tegelijkertijd zegt zijn rijdier meer. Een ezel is een vredig beest. Ik ben net een boekje aan het lezen dat heet ‘Broeder ezel’ en daar komt dat mooi in naar voren. Een ezel wordt wel eens eigenwijs genoemd, mar dat klopt niet. Ja, soms blijft hij staan en is met geen stok naar voren te krijgen. Maar dat is niet uit koppigheid. Een ezel is vreedzaam en vreesachtig, en als hij denkt dat er gevaar is bevriest hij. Heel anders dan een paard, dat wordt dan onrustig of wil rennen – maar je kunt het in toom houden.
Dat verschil in karakter heeft een gevolg: een paard is geschikt is voor de strijd, een ezel niet. Paarden en wagens waren de tanks van toen. In de Thora staat dat de koningen van Israël niet veel paarden mochten hebben. Ze moesten geen oorlogszuchtige vorsten zijn, maar vredig. Niet op paardenkracht vertrouwen maar op de Heer.
Dat Jezus komt aanrijden op een ezel, wil daarom zeggen dat hij een koning van vrede is. Ook daar sprak de profeet Zacharia al over, bij die koning die komt op een ezel: ‘de paarden worden uit Jeruzalem verjaagd, de oorlogsboog gebroken. Hij zal vrede stichten tussen de volken’. Jezus is koning van de vrede, en dat zie je al aan zijn rijdier. Een vredige ezel.
[ook wij vredig zijn]
Dit heeft meteen iets te zeggen voor iedereen die een volgeling wil zijn van deze koning, en ik hoop dat dat voor ons allen geldt. Als volgelingen van Jezus kun je niet hoog te paard zitten. Arrogant zijn en op macht vertrouwen. Nee, Jezus zegt “leer van mij dat ik zachtmoedig ben en nederig van hart”. Ook wij moeten mensen van vrede zijn. Op je werk of op school, of waar dan ook: probeer de vrede te bevorderen, de onderlinge verhoudingen te verbeteren. Niet ongezouten de waarheid zeggen, al is wat je vindt nog zo waar, maar zorgvuldig je woorden kiezen. Als twee mensen een conflict hebben, misschien wel bemiddelen of kijken of je op een andere manier spanning uit de lucht kunt halen. Zalig zijn de vredestichters! Er is al zoveel opgefoktheid en strijd voor eigenbelang. Maar wie Jezus als koning erkent, moet daar niet aan mee doen. Die mag de minste zijn, in plaats van de strijd aan te gaan. Nee, niet om altijd over je heen te laten lopen, soms moet je je stem laten horen. Kijk naar Jezus: hij, de koning van de vrede, jaagt de handelaars uit de tempel. Maar dan gaat het hem niet om zijn eigen belang, en dáár zit het verschil. Let er deze week eens op hoe je doet: zit je qua gedrag op een paard of op een ezel? Ben je vechter of vredestichter?
[vreemde lofprijzing: ‘vrede in de hemel’]
Vrede, dat is een kernwoord in wat we lazen. Eerst die ezel al, maar ook verderop. De volgelingen van Jezus roepen: “Vrede in de hemel, en eer aan de allerhoogste!” En iets verder op zegt Jezus huilend tegen Jeruzalem: “had je op deze dag maar geweten wat vrede kan brengen”. Vrede, tweemaal genoemd bij Jezus’ intocht volgens Lukas. Laten we allebei die keren dat het woord voorkomt nog wat verder bekijken, dan zien we iets van het wonder van de Lijdenstijd.
Meteen valt er iets op bij wat de leerlingen roepen. Laten we nog een keer naar luisteren: “gezegend hij die komt als koning in de naam van de Heer” – dat snappen we. En dan: “vrede in de hemel en eer aan de allerhoogste”. Wat vreemd, ‘vrede in de hemel!’. Je zou toch verwachten dat ze roepen ‘vrede op aarde’. Dat hadden de engelen al gezongen toen Jezus geboren werd, en dat had ook de profetie van Zacharia al gezegd “Hij zal vrede brengen tussen de volken”. Ik denk dat ze daar ook naar uitzagen, die leerlingen: vrede en vrijheid, op aarde, in Israël. Maar ze roepen “vrede in de hemel”. Wonderlijk! Zeiden meer dan ze beseften? Legde Gods Geest hen dit in de mond? Ik kom er zo op terug!
[Jezus als vredevorst afgewezen]
Want het klopt wel, Jezus brengt nu nog geen vrede op de aarde. En Waarom niet? omdat hij wordt afgewezen. In tranen zegt hij het als hij de stad Jeruzalem nadert “had ook jij op deze dag maar geweten wat vrede kan brengen! Maar dat blijft voor je verborgen, ook nu”. Wat had vrede kunnen brengen? als ze Jezus erkend hadden als koning. Maar dat gebeurt niet. Normaal gesproken in de oudheid, wanneer een koning zijn intocht hield in de stad, dan werd hij altijd ontvangen door een groep hoogwaardigheidsbekleders. De koning werd verwelkomd, geëerd… maar hoe is dat hier? Het enige ontvangstcomité waar we van horen is een stel farizeeërs die zeggen dat Jezus zijn leerlingen moet Laten zwijgen. Er is simpelweg geen interesse, geen geloof.
En daarom is er voor Jeruzalem geen vrede. Jezus voorziet iets heel anders in de toekomst: belegering, gevechten, ondergang van de stad. Zo is het ook gebeurd, in het jaar 70 na Christus. Jezus voorziet het, maar niet met vreugde. Niet ‘net goed’, geen verdiende straf, nee de Heer huilt. Ook hierin is hij de vredevorst. Een koning uit die tijd die niet eervol ontvangen werd, zou kwaad worden, wraak nemen. Maar Jezus huilt.
Want het hangt wel samen. Zonder vredevorst geen vrede. Echte sjaloom zal er in Israël van toen en nu, en zal er overal in de wereld alleen zijn als Jezus als Heer erkend wordt, en als zijn nederigheid dan de norm wordt. Maar waar mensen hoog te paard zitten, kan echte vrede niet landen. Denk aan hoe Trump en Poetin momenteel over Oekraïne onderhandelen. Hopelijk stopt het de strijd, maar krijg je zo echte vrede, heling, verzoening zelfs? Daar is meer voor nodig dan mannen in kogelvrije limo’s… En in het klein is het niet anders. Ware vrede, in je hart, vrede met God en vrede onder mensen, is alleen te vinden als je Jezus als koning erkent. Wie Hem afwijst, in vijandschap of onverschilligheid, die loopt uiteindelijk dood. Maar niet tot vreugde van de Heer. Hij huilt erom…
[ook Jezus’ volgelingen vatten het niet echt]
Jeruzalem herkent de vredevorst niet. En Jezus’ volgelingen? Zij toch wel! Ze juichen “gezegend hij die komt als koning!” Ze zien uit naar zijn troonsbestijging. Maar begrijpen ze het echt? dat is nog Maar de vraag. Jezus weet wat ze denken: dat het Koninkrijk van God direct zal aanbreken, het vrederijk op aarde. Jezus had ze al gewaarschuwd net hiervoor, met een gelijkenis. Een verhaal over een man die naar een ver land ging om het koningschap te ontvangen. Wie is dat anders dan Jezus zelf? Hij zal eerst door dood en graf heen naar zijn vader in de hemel gaan, om zo het koningschap te ontvangen, alle macht in hemel en op aarde.
De juichende leerlingen, ze zien niet welke weg de Heer nog zal moeten gaan. Dat hij gekroond zal worden met een doornenkroon. Aan het kruis gehangen, een bordje “de koning der Joden” erbij…. Eigenlijk begrijpt niemand Jezus hier. Midden tussen de mensen is hij eenzaam. Koning, op weg naar het kruis.
De verwachtingen van Jezus’ volgelingen zijn aards, makkelijker, minder. Bevrijding van de Romeinen, voorspoed in Israël, genezing van de ziekte – ze hebben immers zijn wonderen gezien. Maar de vrede die Jezus komt brengen, is niet een soort shortcut naar geluk. Dat zal nog tegenvallen.
Wat dit betreft zijn Jezus’ volgelingen vandaag – wij dus – misschien weinig wijzer. De Heer mag ons helpen, en wat wij willen is vooral een aards leven zonder problemen. Genezing van ziekte, voorspoed als het kan, hulp bij dingen… Herkenbaar? En ja, de wonderdaden, waar zijn volgelingen Jezus voor eren, laten iets zien van Gods bedoeling: een wereld zonder nood en dood. Die zal er uiteindelijk ook komen! Maar Jezus rijdt op een ezel. Met een ezel win je geen oorlog. Jezus’ volgelingen moet de weg van nederigheid gaan. Hun Heer volgen, ook als hij een kruis draagt. Hebben wij echt door hoe diep en hoe moeilijk de vrede is die Jezus brengt? En hebben we die nodig??
[Jezus brengt vrede in de hemel]
‘Vrede in de hemel’, roepen de mensen om Jezus heen. En ze hebben gelijk. De vrede op de aarde kan nog niet komen, door afwijzing en onbegrip voor deze koning op een ezel. Maar toch brengt Jezus vrede. Vrede in de hemel, door de weg die Hij nu gaat. De weg naar het kruis, de weg naar zijn sterven. Want dat is het wonder, het wonder van deze Lijdenstijd: Jezus brengt vrede in de hemel. Hij brengt verzoening met de Vader, vrede met God voor mensen die tegen Hem in opstand zijn.
Vrede, op het allerdiepste niveau. Die brengt Jezus. Niet slechts wapenstilstand, maar verzoening. Hij zorgt dat ieder die gelooft vrede mag hebben met God. Vrede in de hemel. Want deze nederige koning boet voor onze opstand. Hij draagt onze schuld. Hij brengt het offer van zijn leven. Dát gaat Jezus allemaal doen en doormaken in Jeruzalem, waar hij nu aankomt. Dat is het wonder van zijn dood aan het kruis. Dat het vrede brengt. Vrede in de hemel, voor mensen van de aarde. Ieder die Hem als koning erkent, mag erin delen. Ook u, ook jij, als je in Hem durft geloven. Vrede in de hemel, nu al. Daar heeft de Heer voor gezorgd, eens in Jeruzalem! Vrede die neerdaalt op al wie het ontvangen wil.
[slot: eer aan Jezus]
Jezus, de koning op een ezel. Hij brengt de diepste vrede. En eens zal hij regeren over alles, als vorst van de vrede. En daarom: aan Hem de eer! Zijn volgelingen toen eerden Hem, en ook wij mogen dat doen. Dat móeten we doen. Hij verdient het boven alles. Als de mensen zwegen, zouden de stenen roepen.
Laten wij dan deze koning eren, in gebed en lied en leven. Laten we vasthouden welke vrede we ten diepste nodig hebben: vrede in de hemel. Hij gaf er alles voor! En laten wij in dankbaarheid dan vrede op de aarde proberen te brengen. Laten we onze Koning volgen in nederig te zijn, en vredestichters. Laten wij niet hoog te paard zitten, maar denken aan die ezel: ongeschikt voor oorlog. Laat in je dagelijks leven maar merkbaar zijn dat je weet van vrede, en leeft uit vrede, en gaat voor vrede met alle mensen. En laat bovenal de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, onze harten en gedachten in Jezus Christus bewaren!
Amen
