Gedicht ‘Septemberlicht’

Dit is elk jaar de mooiste tijd.
Het zonlicht raakt zijn scherpte kwijt
en langer zijn de nachten.
De mais staat op zijn allerhoogst
de tarweakker is geoogst
en ligt nu stil te wachten.

 

De zwaluwen zijn bijna weg,
vol bessen hangt de taxusheg,
vol blad zijn nog de bomen.
Alles is rustig, alles klaar –
de gouden dagen van het jaar.
De herfst zal spoedig komen.

 

Gedicht ‘Warm weer’

September en toch tweeëndertig graden.
Je zit met vrienden fijn op een terras,
ziet mensen zwemmen of gaan zonnebaden:
vakantiesfeer rondom de hele plas.

 

Zei iemand ‘onnatuurlijk warme dagen’?
Het zou best kunnen, als je dieper denkt
maar nu wil je genieten en niet klagen,
en niemand weet toch wat de toekomst brengt.

 

’s Nachts lig je in een broeiend bed te woelen. Lees verder

Gedicht ‘Toverhazelaar’

Aan het begin van ieder jaar
bloeit onze toverhazelaar

Al zijn de dagen nog zo kort,
de gele bloemen laten weten
dat elke dag al langer wordt,
dat eens de kou zal zijn vergeten.

De winter is soms somber, maar
juist dan bloeit deze hazelaar

Het heeft gesneeuwd, de tuin is wit;
nergens meer kleur en nergens leven,
maar vol verbazing zie ik dit:
zelfs nu is hij in bloei gebleven

Al maakt de sneeuw de takken zwaar
toch bloeit de toverhazelaar!
Gods nieuwe lente staat al klaar.
ik zwijg en kijk ernaar.

Preek ‘David is bewogen om Absalom’, bij 2 Samuël 18 en 19

Tags

, , ,

Gemeente van Jezus Christus,

[intro n.a.v. kindermoment]
Vele schilderijen en tekeningen zijn ervan gemaakt. Absalom die daar aan een boom hangt, zijn lange haar, zijn trots verstrikt In de takken. Hulpeloos tussen hemel en aarde. Generaal joab komt er al aan, de aanvoerder van Davids soldaten, en hij neemt zijn kans waar. Aanvoerder uitgeschakeld is oorlog gewonnen, immers? Absalom komt niet om in een strijdbaar gevecht, maar hij wordt smadelijk doodgeslagen door een aantal wapendragers. Zijn lichaam wordt in een kuil geworpen. De strijd is beslist.
Ik zei zojuist al tegen de kinderen: dit verhaal heeft een hoog gehalte van ‘net goed’. IJdelheid die de ondergang wordt van deze arrogante opstandeling. Had Absalom maar eerder naar de kapsalon moeten gaan. En laat het duidelijk wezen: Absalom was een meedogenloze man. Listig, ik-gericht, terwijl hij de Mensen onze vinger wikkelde met zijn knappe uiterlijk en vriendelijk gepraat. Zijn eerste zorg op dit moment was om zijn vader te doden…
Ja, net goed, als Absalom zo aan zijn eind komt! Hij verdient kwaad, want hij doet kwaad. Maar… wat als je zijn vader bent? Als je kind zo omkomt? Of wat als je gewoon door de Bijbelwoorden heen de tragiek voelt van het hele gebeuren?

Lees verder

Gedicht ‘Is Efraïm geen kroon voor mij?’

Paul Gerhardt (1607 – 1676) – vertaling Adriaan Molenaar, 2026
Originele Duitse tekst hier, ‘Ist Epraim nicht meine Kron’

Voor een kortere versie die meer geschikt is voor gebruikt als lied, zie op de site van ‘Dicht bij de Bijbel’.

 

1. Is Efraïm geen kroon voor Mij,
geen bron van trots en vreugde?
Is Efraïm geen zoon voor Mij,
geen kind dat mij verheugde?
Hij is mijn ster, hij is mijn zon,
Hij is mijn eeuwig eigendom;
hem heb Ik uitgekozen.

 

2. Ik hoor zijn stem die zucht van pijn,
Ik hoor hem bitter klagen.
‘Mijn God,’ zegt Efraïm, ‘heeft mij
met harde hand geslagen.
Het is mijn welverdiende straf,
het eerlijk loon dat Hij mij gaf
vanwege al mijn zonden.’

 

3. Toch is mijn trouw niet aangetast,
laat iedereen dat weten! Lees verder

Preek ‘David geeft zich over aan God’, n.a.v. 2 Samuel 15 en 16

Tags

, , ,

Gemeente van Jezus Christus,

[Davids ellende brengt hem weer bij God]
Wat een tafereel! Daar zien we David en zijn mannen Jeruzalem uitlopen. De poort uit, omlaag naar de beek Kidron, en dan de helling van de olijfberg weer naar boven. David heeft zijn hoofd bedekt, hij loopt op blote voeten, en hij huilt. Ook de mensen bij hem jammeren, terwijl ze droevig omlaag kijken en hun mantel over hun hoofd trekken. Ze gedragen zich als een rouwstoet. En niet zonder reden: gisteren was David nog koning, vandaag is hij vluchteling. Zijn eigen zoon Absalom is in opstand gekomen. Alles is ingestort. Is er nog toekomst? Wie steunt David nog, behalve dit groepje getrouwen?

droevige stoet mensen
Heel uitgebreid beschrijft de Bijbel deze uittocht van David. Tot in alle droevige details. Uitgerekt en uitgesponnen. Het is heel anders dan toen bijvoorbeeld koningin Wilhelmina in de Tweede Wereldoorlog moest vluchten omdat de Duitsers naderden. In een grote auto werd zij met haar gezin snel naast Scheveningen gereden; een boot voer weg, en dat was het. Maar David gaat te voet, stapvoets. Geen koning in een koets of op een paard, geen hoogheid meer. Een rouwstoet, dat is het. Wat een ellende! En naast deze stoet loopt nog Simi, familielid van Saul. Vloekend, stenen gooiend, stof opwerpend. David zegt: laat hem begaan! alsof het past op deze dag.
Hoeveel ellende kan een mens verdragen? En waar brengt het hem? Het brengt David ver van zijn troon, dat in elk geval. Een onzekere toekomst in. En toch… er is nog meer te zeggen. Want het brengt David ook terug. Hij is op weg terug naar de woestijn, waar hij zo lang leefde voor hij koning werd. Maar ook: hij is op weg terug naar God. David heeft het tijdens zijn aftocht over Hem. Op een diepe manier. Dáár wil ik vanavond samen met u eens op letten. Want Lees verder

Preek ‘Absalom in opkomst’, bij 2 Samuël 15:1-13

Tags

, , ,

Gemeente van Jezus Christus

(onbehagen over Davids regering)
Er moet onbehagen, er moet wantrouwen geweest zijn naar de regering van koning David, anders had Absalom nooit zo’n succes gehad! Absalom vertelt de mensen die naar Jeruzalem kwamen voor recht “hoor eens, u bent gelijk, maar bij de koning zult u geen gehoor gaan vinden!” Hij zaait wantrouwen. Maar het móet hebben aangesloten bij gedachten die er al waren. Kón je koning David wel vertrouwen? En die hele kliek in de hoofdstad…?
Er was wel de nodige aanleiding om een vraagteken te zetten bij de integriteit van koning David. Voor mijn vakantie hebben we uitgebreid stilgestaan bij de geschiedenis van David en Batseba. Toen zei ik al: dat moet algemeen bekend zijn geraakt, met al die bodes en bedienden in het verhaal. De mensen wisten wel: onze koning, dat is iemand die de vrouw van een ander inpikt.  Dát is het hof van de koning in Jeruzalem. Ja, bij die koning van ons sneuvelen er zelfs mensen wiens dood hem toevallig heel goed uitkomt… Uria. Denk aan president Poetin in Rusland, wiens tegenstanders verdacht vaak een dodelijk ongeluk krijgen. En van zo iemand moet je recht verwachten? We hoorden in eerdere preken ook dat David berouw had, vergeving kreeg, maar ik vrees dat zulke dingen het grote nieuws niet halen.
Ook verder bleek David niet sterk in het handhaven van recht. U moet thuis hoofdstuk 13 en 14 eens in zijn geheel lezen. Weinig verheffende taferelen aan het hof! Kroonprins Amnon verkracht zijn halfzus Thamar – met gescheurde kleren had ze jammerend door de stad gelopen, heel wat mensen hadden het gezien. En David? ‘Hij ontstak in woede’ – maar hij doet verder niets, terwijl hij de hoogste rechter is. Dan vermoordt Absalom, de broer van Thamar, als wraak prins Amnon. Absalom vlucht, maar wordt later weer aan het hof ontvangen door David. Zónder dat er recht wordt gesproken over die moord, zónder dat dingen worden uitgezocht en uitgepraat. En dát is waar je als gewone burger heen moet met je rechtszaken. Zou u er veel vertrouwen in hebben?

(Absalom als populist)
En dan is daar Absalom, die het onbehagen verwoordt. Of anders gezegd, die er gebruik van maakt. Lees verder

Preek ‘na de ontmaskering’, 2 Samuël 12:13-25

Tags

, , , ,

 

Gemeente van Jezus Christus,

(Intro)
Vanmorgen de derde preek over David en Batseba. Voor vakantiegangers en andere die er de vorige keren niet bij waren, even een heel korte samenvatting van wat vooraf ging.
David is zwaar de fout ingegaan, dat hoorden we de eerste keer. Hij heeft de vrouw van een ander ingepikt, Batseba. En dat niet alleen: om zijn misdaad te verhullen heeft hij ervoor gezorgd dat haar man, Uria, om het leven kwam. De keer erna hoorden we hoe David ontmaskerd wordt door de profeet Nathan – eigenlijk door God Zelf. David krijgt zware straffen aangezegd. En nu vanmorgen de derde keer. Nu komt die beloofde straf. Davids zoon sterft, en als u thuis verder leest dan zult u merken dat ook de andere straffen die Nathan aankondigde precies over David komen.
Dan zou je zeggen: dit wordt een duister verhaal vandaag. Het kwaad slaat op David terug. Onontkoombaar onheil. Zelf naar gemaakt, het loopt laag af. Maar… nee! Dat is nu juist het geweldige van de Bijbel, van God. In het vóórgaande, dáár was de sfeer duister. David met zijn lust en zijn list. Nathan met woorden van oordeel. Maar het wonderlijke… in wat we vandaag lezen gaat juist iets ópen. Wat we lazen is intens, maar niet tragisch. David ligt op de grond, maar hij staat ook op. Er vallen woorden als ‘hij zalfde zich’, ‘hij troostte haar’, en ‘de HEER had het kind lief’. Want er sterft een kind, maar er wordt ook een kind geboren. Temidden van straf en dood, slaat de sfeer toch om ten goede. Daar wil ik vanmorgen met u en jou aan proeven. Want daar zit evangelie is.
Het thema van mijn preek is ‘Na de ontmaskering’, daar staan we vanmorgen bij stil. ‘Na de ontmaskering’. Ik heb mijn preek verdeeld in drie punten, je ziet ze op het scherm.
1. Berouw en bekering
2. Blijvende breuken
3. Vergeving doet leven (herhaal)

Lees verder

Preek ‘Nathan en David’, 2 Samuël 12:1-15, afscheid kindernevendienst

Tags

, , , ,

Gemeente van Jezus Christus, kinderen, jongeren, ouderen,

HET VERHAAL

(het verhaal voor de kinderen)
Koning David zat in zijn paleis. Hij had het goed voor elkaar, dacht hij. Als je vorige week in de kerk was, heb je het verhaal gehoord. Hij had een nieuwe knappe vrouw, Batseba. En hij had een zoon gekregen bij haar. Goed, de manier waarop het allemaal gegaan was, was niet zo fraai. Want Batseba was de vrouw van een ander. Maar David had haar gewoon ingepikt. En hij had ervoor gezorgd dat Batseba’s man, Uria, was gestorven in de strijd. Zo, probleem opgelost. En zo zit David in zijn paleis. Hij heeft wat hij wil, wie maakt hem wat?
Maar vandaag horen we hoe het verhaal verder gaat. En omdat jullie zo mooi vooraan zitten, heb ik even wat plaatjes opgezocht om te laten zien. (plaatje 1) Er komt een man naar koning David. Het is Nathan, de profeet. Nathan is een man die boodschappen van God brengt. En hij kijkt heel ernstig. Wat komt hij doen? Brengt hij een boodschap van God voor David? Daar lijkt het niet op. Nathan gaat gewoon een verhaal vertellen. “Luister, heer koning. Er woonden eens twee mannen in een stad, een rijke en een arme man. De rijke man had heel veel geiten, schapen en runderen. (plaatje 2) Maar er was ook een arme man, die had niet meer dan één lammetje kunnen kopen. Hij zorgde ervoor en het groeide bij hem op, samen met zijn kinderen. Het at van zijn brood en dronk uit zijn beker en sliep in zijn schoot; hij hield ervan als van een dochter. Maar… Op een dag kreeg de rijke man een gast op bezoek. En daar wou hij een maaltijd voor maken. Maar Hij kon het niet over zijn hart verkrijgen om een van zijn eigen dieren te slachten om aan zijn gast voor te zetten. Dus wat deed hij (plaatje 3). Hij ging naar de arme man toe, en hij pikte het éne lammetje van die arme man in. Hij liet dat lammetje slachten en zette het zijn gast voor.”
Stel je voor, dat is toch wat! En Nathan kan goed vertellen. Koning David wat hij zegt, en hij is heel verontwaardigd. (plaatje 4) Dát kan toch niet! Boos roept hij uit: “Het is een schande! Die man moet zwaar gestraft worden, en dat lammetje moet hij vierdubbel terugbetalen! Walgelijk, dat hij zoiets doet!” Nathan knikt, hij is even stil. (plaatje 5) En dan zegt hij ineens, en hij wijst met zijn vinger: “die man, dat bent u!!” David schrikt enorm. En Nathan zegt, namens God zelf, dat David net zo slecht is: de vrouw van een ander inpikken, en die ander vermoorden. En dat terwijl David al zoveel had. Dávid moet zwaar gestraft worden!

Lees verder