Tags
Uit de Bijbel is gelezen Lukas 23:33-49
Gemeente van Jezus Christus,
[intro]
De mensen staan toe te kijken. Daar, net buiten Jeruzalem, op de plek waar gewoonlijk de misdadigers werden geëxecuteerd. Vandaag worden drie mensen gekruisigd. Één van hen heeft een zekere bekendheid. Het is Jezus van Nazareth, de rondtrekkende prediker over wie bijzondere dingen worden verteld, die vorige week nog werd toegejuicht door mensen met palmtakken in hun hand. Je kunt een hele groep van de Joodse leiders vinden op de executieplaats – er is iets bijzonders aan de hand vandaag. Vanmorgen was er ook al onrust bij het paleis van Pilatus. Daarom staan veel mensen toe te kijken nu. Sommigen zijn speciaal de stad uitgekomen, anderen komen toevallig langs en blijven staan.
De toeschouwers hebben al vaker een kruisiging gezien, de tijden zijn hard en ruw. Het lijkt erop dat het gruwelijke ervan hen onberoerd laat. Ze kijken gewoon, het is een schouwspel voor hen. Maar hebben ze door wat hier gebeurt?
Wij zijn vanavond samengekomen, om in gedachten ook naar Jezus aan het kruis te kijken. Om te zien hoe Hij sterft. Niet als schouwspel, nee! Maar om diep tot ons te laten doordringen wat daar op Golgotha gebeurde. Om met eerbied naar Hem op te zien, die daar zijn leven gaf.
Ik heb mijn preek vanavond in 3 punten verdeeld [herhaal deze]:
1. Jezus kruis als lichtpunt te midden van menselijk donker
2. Jezus’ kruis tot middelpunt van de duisternis gemaakt
3. Jezus’ kruis als plek waar het licht voor altijd doorbreekt
I: Jezus kruis als lichtpunt temidden van menselijk donker
[menselijk donker rond het kruis]
Als eerste dus: Jezus’ kruis een lichtpunt te midden van menselijk donker. Want ja, donker is het daar wel – figuurlijk dan, want letterlijk brandt waarschijnlijk de oosterse zon. Maar wat komt hier de donkerheid en duisternis naar voren die in mensen leeft! Alleen al het feit dat Jezus ter dood is veroordeeld, en de manier waarop. Compleet in strijd met alle rechtvaardigheid en rechtsregels, daar zijn de evangeliën helder over. Jezus wordt simpelweg uit de weg geruimd omdat de religieuze leiders de gevestigde orde bedreigd zien. Een duistere zaak! Jezus is mishandeld, door de dienaren van de hogepriesters, door de soldaten. Bespot, vernederd, in zijn gezicht gespuugd, gegeseld en gekroond met een scherpe doornenkroon. Zinloos geweld, gewoon om van te genieten – pikzwart is wat leeft in het menselijk hart. En dan de manier waaróp Jezus wordt gedood: kruisiging, haast de afschuwelijkste manier om aan je eind te komen, langgerekt lijden. Mensen bedenken zoiets, en doen het anderen aan. En zelfs als hij daar hulpeloos hangt, wordt de Heer nog gehoond. Vrome leiders, grove soldaten, en zelfs een van de gekruisigden spotten met Hem zoals hij daar hangt. Wat een duisternis allemaal, wat een naargeestig beeld krijg je hier van ons mensen!
Te midden van de mensen hangt Jezus aan het kruis. En nee, niet iedereen bespot Jezus. Waar zou jij staan in dit alles? Kijk je alleen toe, zoals het volk? Spot je? Sta je vol verdriet op een afstand misschien, zoals Jezus’ volgelingen? Zou je tot Jezus willen roepen, zoals de ene misdadiger aan het kruis? Belijd je dat hij rechtvaardig is, zoals de centurio uiteindelijk? Allerlei slag van volk is aanwezig. Maar één ding is zeker: de duisternis die in mensen leeft, zie je nergens zo duidelijk als rond het kruis. Wat ís dit, dat één onschuldig mens is vastgespijkerd tot de dood, en anderen het negeren, of kijken, of lachen zelfs?
[Jezus lichtend daartussen]
Maar laten we niet teveel naar de mensen kijken. Naar de duisternis. Laten we naar Jezus kijken. Hij is licht, te midden van al het duister. Ook dit bedoel ik figuurlijk natuurlijk. Bij Jezus straalt het licht van goedheid en bewogenheid en liefde. Luister naar de woorden die hij zegt, hier op deze afschuwelijke heuvel. Als wrede mannen hem vastspijkeren, zegt Hij “Vader, vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen!”. Geen harde woorden, bedreiging of gevloek, maar bidden voor je beulen – we stonden erbij stil in een eerdere preek. Wat een licht op deze donkere plek. Heb je vijanden lief – Jezus zei het, en Jezus dééd het!
Dan roept een van de ter dood veroordeelde misdadigers tot Jezus – we hoorden er gisteren over. En… Jezus is bewogen met de man, wat hij ook misdaan mag hebben. “Vandaag nog zul je met mij in het paradijs zijn”. Goedheid, genade, die straalt uit deze woorden van de Heer. Wat is Jezus licht, te midden van al die menselijke duisternis rond het kruis. Als hij zwijgt wanneer hij bespot wordt. Als hij antwoordt wanneer er om hulp geroepen wordt. Denk ook aan het andere kruiswoord, waarmee hij zorgt dat zijn moeder niet onverzorgd achterblijft. “Vrouw, zie je zoon. Zoon, zie je moeder”. En aan het einde van alles roept hij uit, vol vertrouwen “Vader, in uw handen leg ik mijn geest”.
Zó is Jezus, geheel anders dan al die mensen. Zijn kruis is een lichtpunt in de duisternis. Goedheid tussen de slechtheid. Liefde tussen de laagheid en lafheid. De Heer is bewogen met mensen – zelfs de slechtste.
Als je dit echt ziet, dan kun je toch niet onbewogen toekijken, zoals het volk toen? Dan krijg je ontzag voor Hem. Liefdevol ontzag. Dan wil ik voor Jezus buigen, die de liefde zo tot het uiterste toont. Die zo vol goedheid is, en zo vol Godsvertrouwen. Hij, zo heel anders dan ik. Hij, de rechtvaardige, inderdaad. Dan kun je alleen maar knielen bij het kruis, waar zoveel licht van straalt in onze donkere wereld.
II: Jezus’ kruis tot middelpunt van de duisternis gemaakt
[duister toont Gods oordeel]
Figuurlijk is de heuvel Golgotha een donkere plaats, zei ik al. Maar dan wordt het ook letterlijk donker, en dat is mijn tweede punt. Midden op de dag wordt ineens het licht van de zon verduisterd. Drie uur lang maar liefst. Dit is duidelijk een bovennatuurlijke zaak, iets dat God laat gebeuren. Een gewone zonsverduistering duurt slechts enkele minuten, en bovendien kun je met het Joodse Paasfeest nooit een zonsverduistering hebben vanwege de stand van de maan. Hoe dan ook, het wordt donker, en dat is duidelijk een teken van Gods oordeel. Zo voelen de mensen het ook aan, we lezen in vers 48 dat ze zich op de borst sloegen als teken van verdriet of berouw. God laat het donker worden. Waarom? Omdat hier iets vreselijks gebeurt. Omdat de rechtvaardige bij uitstek wordt omgebracht, vermoord!
Donker als teken van Gods oordeel. Is het het oordeel over al die mensen, die Jezus verwerpen, mishandelen en nog meer? Ja, dat zeker ook. Dit duister belooft weinig goeds voor Jeruzalem… Maar waar het nu om gaat, is dit. ‘Het werd donker in het hele land’ staat er. Maar wat is het middelpunt van deze duisternis? Dat is…. het kruis van Christus. Het donker concentreert zich daar omheen! En dat is opmerkelijk. Je zou verwachten: God zendt duisternis op die spotters rond het kruis, duisternis op de stad die de Messias verwierp. Maar Jezus, Hem zal toch zeker Gods licht omstralen? Hij, de rechtvaardige bij uitstek, hij wordt toch zeker niet door het donker getroffen? Maar het donker hangt juist om het kruis, dat is het middelpunt ervan. De plek waar Jezus Gods licht van liefde verspreidt wordt de allerdonkerste plek! En God zorgt daarvoor.
[Jezus draagt hier Gods oordeel voor anderen]
Hier komen we bij het mysterie van het kruis. Het is niet alleen de plek waar Jezus Gods liefde tot het uiterste laat zien. Het kruis is ook de plek waar Jezus Gods oordeel draagt. Het kruis is de plek waar Gods recht zichtbaar wordt; zijn toorn, zijn boosheid over al dat verdorvene, al dat ontaarde en kwaadaardige in onze mensenwereld. Al die dingen die zo zichtbaar werden rond Jezus’ kruisiging. Het roept Gods oordeel af, en wie zou niet instemmen! Daarom wordt het donker.
Maar nu is dít het wonder van het kruis: dat dit oordeel Jézus treft. Dat het donker wordt rond het kruis, terwijl degene aan het kruis, Jezus, dat het allerminst verdient. Jezus komt in het donker, Híj draagt Gods oordeel! Het oordeel dat nu net op iedereen ligt behalve op Hem. Jezus wordt weggedaan uit Gods licht, zodat voor de mensen het licht níet definitief uitgaat.
Hier is het wonder van Jezus’ kruisdood: de wonderlijke ruil. Hij krijgt wat wij mensen verdienen, zodat wij kunnen krijgen wat Hij verdient. Hij sterft in het duister, zodat wij kunnen leven in Gods licht. Hem, die rechtvaardig is, treft Gods oordeel, zodat wij, onrechtvaardige mensen, er níet door getroffen worden. De grote omkering vindt hier plaats, waar alles om draait op deze Goede Vrijdag. Dat wat deze dag tot góed maakt! Hij in onze plaats. De evangelist Lukas zegt er weinig over hier, maar vanuit de Bijbel als geheel mogen en moeten we het zó zien. Waarom is het donker gecentreerd rond het kruis? Omdat de Heer er ons verdiende oordeel draagt. Opdat zó Gods licht zal schijnen op ons, die dat oordeel verdienen.
Nee, dit konden de mensen niet zien, die toen stonden toe te kijken. Maar wij mogen het wél zien. Als je beseft wat hier gebeurt, hoe de Heer het duister draagt van Gods oordeel, dan mag dat ons nog veel méér vervullen met ontzag voor Hem. Liefdevol ontzag. Dan wil ik voor Jezus buigen, die dit wilde doen voor mij. Dat Hij, de rechtvaardige, de straf droeg voor ons onrecht. Mijn zonden, mijn lafheid en halfheid en al het donker in mijn hart. Dan kun je alleen maar knielen bij het kruis, waar het donker werd. Waar Hij droeg wat ik verdiende. Heer, hoe groot is uw liefde!
III: Jezus’ kruis als plek waar het licht voor altijd doorbreekt
[het duister verdwijnt]
Dan is, tenslotte, het kruis van Christus zo de plek waar het licht voor altijd doorbreekt. Want het werd donker, drie uur lang. Maar… het bleef niet donker. Het werd licht – letterlijk, maar óók figuurlijk. Er kwam licht over het land. Over de wereld, zo kun je ook vertalen.
Allereerst werd het licht voor Jezus. Daar in het drie-urige donker was hij van zijn Vader verlaten geweest. Maar nu breekt het licht door. Hij vindt vertrouwen terug, hij roept het uit vol overtuiging, met een luide stem “Vader, in uw handen leg ik mijn geest”. En dan sterft hij. Niet in het donker, maar in het volle licht. Want zijn taak is vervuld, Het is volbracht.
En nu schijnt dit licht voor ieder die het ziet, en die het gelooft, tot op de dag van vandaag. Het begon recht naast het kruis. De Romeinse centurio riep uit: “werkelijk, dit was een rechtvaardige”. Hij begint het te zien. De mensen die onbewogen stonden toe te kijken, worden al bewogen, en slaan zich op de borst. Binnenkort zullen heel wat van hen met Pinksteren de woorden van Petrus horen en tot geloof komen. En vanaf dan gaat dit licht de wereld in: vanuit Jeruzalem naar Judea en Samaria, en tot aan de einden ver de aarde.
Het licht van het kruis, het straalt de wereld over. Tot op de dag van vandaag. Tot in deze Beekbergse kerk. Het licht van Jezus’ liefde, het licht van het gedragen oordeel. Er is een nieuw begin, voor ieder die in Hem gelooft. Wie het hoort en gelooft, die mag in het licht staan, en het licht verspreiden.
[oproep tot ontzag en geloof]
Zó mogen wij vanavond kijken naar het kruis. Zo mag ook u en jij en ik ons vertrouwen daarop stellen. In wat Jezus daar deed. Goede Vrijdag is werkelijk goed! Deze dag is het midden van de wereldgeschiedenis – samen met Pasen natuurlijk, waar we naartoe gaan. Dan breekt het licht helemáál door, hier lijkt het nog uit te gaan als de Heer sterft en begraven wordt. Maar, zoals een lied het zegt dat we zondag gaan zingen “het licht is sterker dan het donker, en het daglicht overwint de nacht”. En dat begint op Golgotha! Licht straalt van het kruis.
Laten wij dan vol eerbied geloven in Jezus, onze Heer, die zijn leven gaf aan het kruis. Eigen het jezelf maar eerbiedig toe in geloof: Heer, deed U dit echt voor mij?! Laten we Hem danken, eren en aanbidden, want Hij verdient het boven alles!
Laten we Hem trouwens niet alleen eren met liederen en gebeden, maar ook door ons leven. Laten we niet in het donker blijven leven, maar door zijn genade zelf óók licht verspreiden in een donkere wereld. Want Gods oordeel dragen, dat kon Hij alleen. Maar liefde tegenover haat stellen, bidden voor vijanden, goed doen aan ieder om ons heen, daar mogen wij onze Heer in navolgen. Zodat het dóórgaat, de wereld door. Maar dat is een andere preek. Laten we vandaag maar vol zijn van wat Hij heeft gedaan. Laten we zijn licht bezingen. Zoals het lied doet dat we nu gaan zingen:
Alle lof, eer en aanbidding
voor zijn nooit volprezen naam!
Wie zijn hoop op Jezus vestigt,
leeft in hoop die nooit beschaamt.
Amen
