Tags

, , ,

Gemeente van Jezus Christus,

(Intro)
Psalm 45, die we lazen en die we zongen, roept beeldend een bijzondere sfeer op. Niet het gewone leven van gewone mensen, maar taferelen uit de hoogste kringen. Rijkdom en schoonheid en feestelijke luxe. De duurste geuren en stoffen, goudbrokaat, ivoor… Koninklijke pracht. Paleizen, troon, scepter. Gasten en geschenken. Alles ver verheven boven ons dagelijks leven. Het deed me denken aan de kroning van koning Willem-Alexander. Dertien jaar geleden alweer, maar ik kan me die beelden nog goed herinneren. Wat was dat een ceremonie! Het paleis op de Dam, en de Nieuwe kerk ernaast. De koning in zijn hermelijnen mantel, trompetters die zijn komst aankondigen, en belangrijke gasten van over de hele wereld. Eén en al pracht en praal! (kinderen: thuis opzoeken op YouTube)
Het is niet voor niets dat we vandaag psalm 45 lezen, op Hemelvaartsdag. Want zoals koning Willem-Alexander gekroond werd in 2013, zou je kunnen zeggen dat Hemelvaartsdag de dag is van de kroning van Jezus. Na zijn optreden op aarde, na zijn lijden en sterven en opstanding, stijgt Hij nu op om de ereplaats te ontvangen aan de rechterhand van God de Vader. Hij wordt met heerlijkheid en eer gekroond! Vandaag, met Hemelvaart, mogen we denken aan Jezus als koning.

(deze psalm gaat over Jezus)
Psalm 45 lazen we. In eerste instantie gaat die over een koning van Israël, lang geleden. Zijn macht en rijkdom worden door de dichter in grootse woorden neergezet. Maar tegelijk mogen we in deze psalm iets van Jezus herkennen, zo heeft de christelijke kerk van alle eeuwen het gezien, en zo mogen wij het vanmorgen ook lezen. En daar is goede reden voor. Allereerst staat het zo in het Nieuwe Testament. (aanv.txt?) De schrijver van de Hebreeënbrief betrekt woorden uit de psalm op Jezus Christus. Als de Bijbel zelf de psalm op Jezus betrekt, mogen wij dat vrijmoedig volgen!
Trouwens, ook de psalmwoorden zelf wijzen al boven zichzelf uit. De dichter gebruikt grote woorden, zo groot dat ze eigenlijk op geen aardse koning echt kunnen passen. Is dat dichterlijke overdrijving? Of is het de inspiratie van Gods heilige Geest? “In mijn hart wellen de juiste woorden op”, zo begint hij zijn gedicht.
En wat zijn dan die juiste woorden? Vers 3 zegt over de koning “U bent de mooiste van alle mensen” – dat is nogal wat! Maar in de grondtekst staat letterlijk “U bent mooier dan de mensenkinderen”. Dan denk ik aan Jezus. Hij is méér dan een mensenkind. Hij is de Zoon van God! “mooier dan de mensenkinderen”. Bovendien: in vers 6 wordt de bezongen koning opvallend genoeg ‘god’ genoemd. Gevaarlijke vlijerij bij een aardse koning, maar op Jezus past het precies: de God de Zoon is Hij. Vers 8 zegt dat de bezongen koning zal regeren voor eeuwig en altijd – past dat niet alleen op wie heerst in de hemel?
Jezus, de koning. Dat is Hij! Hij verdwijnt met Hemelvaart niet zomaar uit beeld, nee! Vanuit ons perspectief natuurlijk wel. Jezus’ leerlingen stonden te staren: waar is Hij nu? Maar Hij is niet zomaar verdwenen, nee. Hij is omhooggegaan om daar de macht te aanvaarden. Zoals Hij zelf zegt in het Mattheüs-evangelie na zijn opstanding: “aan Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde”. Jezus regeert, met koninklijke waardigheid. En de oude psalm helpt ons om daar voor ogen te houden!

(Jezus’ heerlijkheid aanprijzen)
Vers 11 zegt tegen de bruid van de koning “luister, dochter, zie en hoor!” Dat is een oproep voor ons. Voor de kerk als bruid van Christus, daar kom ik zo nog op terug. Maar laten we inderdaad eerst luisteren, en dan ook zien voor ons geestesoog, zien als we horen. En mijn taak is vanmorgen, om net als de dichter toen, de Koning in al zijn grootheid en schoonheid te schilderen met mijn woorden.
Wat ís Jezus een koning vol heerlijkheid. Mooier dan alle mensenkinderen. “Lieflijkheid vloeit van zijn lippen”, zegt vers 3. En is dat niet wáár, niet helemaal wáár als je naar Jezus luistert? In de evangeliën horen we Hem spreken. Hoor zijn eenvoudige en tegelijk zo diepe gelijkenissen, over een verloren schaap of een schat in een akker. Hoor hoe Hij roept ‘kom bij mij, als je vermoeit en belast bent, Ik zal je rust geven!’ Hoor hoe Hij tegen slechte mensen zegt ‘uw zonden zijn u vergeven’. Je kunt de psalmwoorden ook vertalen als ‘genade is op uw lippen uitgegoten’. Gods genade en vergeving – Jézus vertelt het je, ook vandaag!
De psalm vertelt in strijdbare beelden de koningsmacht. Niets kan voor deze vorst bestaan. Maar anders dan in de psalm, wint Jezus juist niet door geweld. Hij overwon door de minste te zijn. De dood verslaat Hij door onder te gaan. En Hij staat op, Hij leeft, overwon de dood en de duivel en de duisternis. Hij is sterker – Gods koning die een knecht wilde zijn. Wat is dát geweldig om te weten! Niet alle duisternis op aarde heeft het laatste woord, maar Zijn koninkrijk zal komen!
Jezus, de koning, heeft alle macht. En alleen bij Hem is dat in goede handen. Als een mens, een aardse koning of president of wie ook, alle macht heeft, dan ontaardt dat onvermijdelijk in een dictatuur. Maar bij Jezus niet. Met nadruk zegt de psalm het, en heel de Bijbel: Jezus’ macht staat ten dienste van het recht. En geen koud recht, strak afgemeten, nee! De psalm zegt in de grondtekst iets dieps in vers 5. Recht wordt daar gekoppeld aan deemoed, of zoals een andere vertaling zegt, aan ‘zachtmoedigheid’. Koning Jezus is geen strenge rechter, maar een zachtmoedige, met oog juist voor wie zwak zijn of falen. Hij zegt het zelf, Mattheüs 11 “leer van mij dat ik zachtmoedig ben en nederig van hart”. Zó is onze koning!
En wat doet deze koning met zijn macht? De wereld onderwerpen? De psalm zegt allereerst iets anders: zich aan een bruid verbinden. Trouwen. Liefde is voor Hem voornamer dan macht. Hij kiest de kerk, onwaardige mensen in zichzelf, als zijn bruid. Koning Jezus wil zich in liefde verbinden aan mensen, ze zegenen, rijk maken uit zijn schatten. Want zó is Hij!
De woorden schieten me tekort, om af te schilderen hoe groots en heerlijk, hoe geweldig koning Jezus is. Hij die zijn leven wilde geven uit liefde. Hij die de dood overwon. Hij die heerst in de hemel, en heersen zal op aarde. Hij, mijn koning! Hij die goed is en groot, onze Heer!

(De bruid die haar afkomst moet loslaten)
Even terug naar war ik mee begin. Ik zei dat de beelden in de psalm wel doen denken aan alle pracht en praal bij de kroning van Willem-Alexander. Maar eigenlijk moeten we nog een stukje verder terug, naar de bruiloft van hem en koningin Máxima, alweer 24 jaar geleden. Want deze psalm is een bruiloftspsalm, het gaat over een koninklijke bruiloft. De koning gaat trouwen. U herinnert het zich waarschijnlijk ook nog wel, die bruiloft van Willem-Alexander en Máxima, met die traan van de bruid toen ‘Adios nonino’ werd gespeeld in de kerk. En zo gaat ook de koning uit de psalm trouwen, met alle bijbehorende pracht en praal.
Over welke koning en koningin de psalm oorspronkelijk gaat, weten we niet. Maar als we in de koning Jezus zien, wie is dan zijn bruid? De bruid van Christus, dat is de kerk. Dat zijn de gelovigen, daar is de Bijbel niet onduidelijk over, bijvoorbeeld in de Efezebrief. Maar… dan gaat deze psalm dus ook over óns. Wij als kerk hier, onderdeel van de wereldwijde kerk. En juist dáárom mogen we zo naar koning Jezus kijken. Omdat Hij niet alleen de koning is, maar ook de bruidegom. De onze, hoe ongelooflijk ook! Wij mogen door geloof van Hem zijn, bij Hem horen.
Wat zegt de psalm dan tegen de bruid, tegen de kerk, tegen ons? Allereerst ‘luister, zie en hoor’. Dat hebben we net wat gedaan: gekeken naar de heerlijkheid van koning Jezus. Mar dan vervolgens ook, vers 11 ‘vergeet uw volk en het huis van uw vader’. En dat mogen we ook meenemen vanmorgen. Je oorspronkelijke afkomst loslaten, en een nieuwe identiteit vinden bij de Heer.
De bruid, zo zegt de psalm in vers 13, komt uit Tyrus. Tyrus, een rijke havenstad vlakbij Israël. Het staat voor aardse welvaart, het hier en nu, het moois dat deze wereld kan bieden. Handel, cultuur – alles van het hier en nu. Maar de bruid wordt opgeroepen: laat dat los! Vergeet het! Je hoort voortaan bij de Koning, dus richt je op Hem en op zijn rijkdom.
Deze oproep mogen wij ook horen. Hoor je bij Jezus? Ben je deel van zijn bruidskerk? Laat dat alles van het hier en nu maar los. Ja, dat is ook waar wij vandaan komen, onze afkomst, ons bloed. Maar luister: focus je niet op aardse rijkdom of vergankelijke glorie, vergeet dat gewoon. Want wat stelt het voor, vergeleken bij wat je bij Jezus vindt? Je bent zijn bruid! Ik vrees dat dit een oproep is die we hard nodig hebben. Jezus’ leerlingen keken omhoog, hun ogen zochten Jezus. En wij? Is soms niet al onze aandacht op het hier en nu gericht, ook de mijne? Nee, wereldmijding is niet Bijbels, maar wat heeft je blik? Wat heeft je hart? Wíe heeft je hart? Laat je afkomst los, houd je toekomst vast. Dát! Laat de grote Bruidegom maar alles voor ons zijn!

(Leven als bruid)
Hemelvaart, het mag ons herinneren om te leven als bruid die de bruidegom verwacht. Dát is wat een christen mag zijn! En wat betekent dat dan concreet? Daar zegt de psalm ook wel het een en ander van. Allereerst een zin die wellicht niet direct enthousiast maakt. De bruid krijgt te horen, in vers 12: “buig u voor Hem (voor de koning), Hij is uw Heer”. Dat zouden wij niet meer tegen een bruid zeggen over haar man, denk ik. Deels is dat ook de cultuur van toen. Maar júist als we de psalm betrekken op Jezus, dan past het. Is het niet de oudste bekende geloofsbelijdenis “Jezus is Heer”? Een christen, en heel de kerk, onderwerpt zich aan Hem. Hij mag het zeggen! Is dat ook onze houding, heel concreet in al je levenskeuzes: Jezus mag het zeggen? Ik wil niet anders dan doen wat Hij wil? Alleen dán ben je werkelijk een christen. Maar vergeet niet, het gaat hier om de brúid. Die denkt niet zozeer in termen van gehoorzaamheid als het goed is. Die denkt: wat kan ik doen om Hem het meeste vreugde te geven? Dát is de houding waarmee je als christen in het leven mag staan. Omdat je van Hem houdt. Omdat Hij van jou houdt!
Leven als bruid. Dat is aan de andere kant ook mogen delen in al de rijkdom van je bruidegom. Dat is delen in de schatten van Christus. Zoals Paulus schrijft in Efeze 1, dat wij “in onze eenheid met Christus, met alle geestelijke zegeningen gezegend zijn”. Wat ontvang je veel, als je Jezus kent! Eeuwig leven. Vergeving voor elke zonde die je ooit deed of doet. De Heilige Geest in je hart. Troost in pijn en hoop in lijden. Een familie van broers en zussen in de Heer. En bovenal: de liefde van de Heer. De liefde van Jezus, voor jou, ook al kom je uit het heidense Tyrus. De onzegbaar grote, onvoorstelbare liefde van Jezus, die zijn leven wilde geven voor jou. Dát heeft Hij voor je over. En eenmaal mag je voor eeuwig bij Hem wonen in het Vaderhuis daarboven. Wat een schatten, niet te bevatten. En Hij, de bruidegom, wil het geven aan zijn bruid, allemaal! Wat ben je gelukkig, als je deze koning kent, en op zijn aanzoek bent ingegaan. En wat ben je arm als je het moet doen met de schatten van de aarde, hoe groot ook.

(Uitzien naar de bruiloft)
Psalm 45 is een bruiloftspsalm. Vers 14 zegt: de bruid wacht. En dat mag de kerk kenmerken als het goed is. Wachten, uitzien naar de bruiloft en naar de bruidegom. Misschien juist vandaag wel nu we Hemelvaart vieren. Ergens is dat raar om te vieren: Jezus is wég. Maar dan mogen we des te meer uitkijken naar wat toen al werd toegezegd: zoals Hij wegging, zo zal Hij komen. Jezus zal terugkomen, om zijn bruid te halen en te huwen. Dáár mogen we naar uitkijken, vol verlangen. Wanneer breekt de bruiloft aan? Wanneer komt de Heer?
Ken je dat verlangen? Het is een teken dat de liefde levend is. Ken je dat verlangen van binnen? Nee, niet altijd is dat zo sterk. Tyrus trekt ook nog! Hier en nu lijkt veel reëler dan alle hemelse rijkdom van koning Jezus. Geloven is een strijd, om tóch omhoog te kijken! Maar ken je dit verlangen niet, helemaal niet – ken je dan koning Jezus al wel echt? Je mag Hem nog léren kennen – Hij is mooier dan alle mensenkinderen, echt!
Kijk omhoog, kijk uit of Hij al komt. En in de tussentijd doe je natuurlijk wat een bruid doet: je mooi maken voor haar man. Versier je leven met goede daden, versier je hart door aanbidding. Maak jezelf maar klaar voor Hem, zo goed als je kunt. Nee, uit jezelf ben je nooit klaar. Maar Hij ziet je graag zo!

(tot die tijd: getroost leven)
Hemelvaart: Jezus is koning. En Hij komt. Daar zien we naar uit. En tot die tijd: leef getroost. Want Jezus regeert! Hij heeft alle macht, wat er ook gebeurt. De koning staat aan jouw kant. Dan hoef je niet bang te zijn, niet onzeker, niet somber. Jezus regeert! Houd daaraan vast. Lees zijn liefdesbrief, de Bijbel. Stuur zelf brieven naar boven – bid! En leef getroost. Hij regeert, en Hij zal regeren. Over heel het land, zegt vers 17. Maar je kunt beter vertalen: over heel de aarde. Want daar loopt het op uit. De psalm, en de werkelijkheid van de wereld, als deze koning. Dan worden de slotwoorden waar: “Alle volken zullen u prijzen, eeuwig en altijd”. Amen