Tags
Gemeente van Jezus Christus,
[intro: rijst des levens?]
Stel je voor dat je in een cultuur leeft waar rijst het dagelijks voedsel is. Driemaal daags een kommetje rijst, zelfs bij het ontbijt – op veel plaatsen in Azië is dat heel gewoon. En stel je voor dat je de bijbel dan in de taal van een bevolkingsgroep wilt vertalen. En je komt bij de tekst van vanmorgen. Jezus zegt “Ik ben het brood dat leven geeft”. Brood, dat is daar geen gewoon voedsel. Dat is exotisch, voor rijke mensen, of bijzondere gelegenheden. Niet iets voor de gewone man. Is jezus dan ook niet voor gewone mensen? Ja wel toch? Moet je dan misschien in de vertaling gaan neerzetten dat de Heer zegt “Ik ben de rijst die leven geeft”? Misschien geeft dat de boodschap wel beter weer op sommige plaatsen in de wereld. Maar ja, dan kom je toch in de knoop. In de knoop met het feit dat Jezus deze woorden niet zomaar zegt. “Ik ben het brood”. Hij zegt dit, net nadat Hij brood heeft vermenigvuldigd. Vijf broden en twee visjes, daarmee werd een menigte gevoed. Letterlijk brood, dáár kun je toch moeilijk iets anders van maken. .
Nee, dan is het toch maar beter om te laten staan wat er staat, en uit te leggen wat de Heer bedoelt. Wat het ons te zeggen heeft. En dat is precies wat wij vanmorgen mogen horen. Op deze morgen dat het brood klaar staat op de avondmaalstafel.



