Tags

, ,

Gemeente van Jezus Christus,

[intro]
in 1914 brak de eerste Wereldoorlog uit. Het begin van vier jaar van strijd met ongelooflijke aantallen doden en verwoesting. Er zijn allerlei verslagen van hoe men aan deze oorlog begon: optimistisch en vol idealen. Alsof oorlog ooit iets goeds kan zijn. In Engeland en de VS sprak men van de ‘war to end war’, de ‘oorlog om een einde aan oorlogen te maken’. Als het nationalistische Duitsland maar werd verslagen, zo dacht men, dan zou niets een lange tijd van vrede in de weg staan. Daarom: te wapen, een oorlog beginnen om zo een eind aan oorlogen te maken. ‘The war to end wars’.
De geschiedenis leert hoe voos deze retoriek was – het einde van de eerste Wereldoorlog leverde juist de grondstoffen op waar de tweede wereldoorlog uit voortkwam. Duitsland voelde zich vernederd en zinde op wraak. Het vredesverdrag dat de Eerste wereldoorlog afsloot, werd door een cynicus genoemd ‘the peace to end peace’ – de vrede die vrede doet stoppen. En hij kreeg gelijk. ‘The war to end wars’ bleek een volkomen mislukking. Miljoenen mensen omgekomen, maar niemand had er iets van geleerd. Sterker nog, het riep de volgende oorlog al weer op.
Ten strijde trekken om alle strijd te beëindigen, kan dat? Kan een mens dat? Of wie dan ook? Dat brengt ons bij het bijbelgedeelte voor vanavond, Openbaringen 19 vanaf vers 11. Daar treffen we een ruiter aan op een wit paard, die ten strijde trekt met precies dit doel. Wat moeten we daarvan denken?
[gruwelijke beelden]
Bij de Schriftlezing daarnet kan ik me voorstellen dat u onaangenaam getroffen werd door heftige beelden die daar langskwamen. Zwaard en bloed en legers… En bovenal die lugubere oproep aan de vogels. Johannes zegt “Ik zag een engel dicht bij de zon staan, en hij riep met luide stem naar alle vogels die hoog aan de hemel vlogen (hij bedoelt: roofvogels, gieren en arenden en zo): Kom en verzamel u voor het avondmaal van de grote God, om te eten vlees van koningen, en vlees van oversten over duizend, en vlees van machtigen, en vlees van paarden en van hen die daarop zitten, en vlees van alle vrijen en van slaven, kleinen en groten.” Dat is toch huiveringwekkend, walgelijk eigenlijk? En in het laatste vers lezen we de vervulling: “de overigen werden gedood met het zwaard (…) en alle vogels aten zich vol aan hun vlees”. Een slagveld vol lijken, die geen begrafenis krijgen maar door de gieren worden verslonden.
Wat moeten we nu toch met zulke woorden en beelden in de Bijbel? Wat is dat voor een geloof, ja, wat is dat voor een God die bij zulke dingen betrokken is? De kans is groot dat we ons ervan afkeren en naar iets prettigers zoeken.
Het wonderlijke is, dat deze akelige scene bewust is neergeschreven ná het gedeelte over de bruiloft van het Lam, waarover we vanmorgen hoorden. Daarom staan we er vanavond ook bij stil. Er staat letterlijk hetzelfde woord. Eerst “het avondmaal van de bruiloft van het Lam” en hier “het avondmaal van de grote God”. God richt twéé maaltijden aan: één voor de gelovigen, en één voor de gieren. Het beeld van de vogels die worden geroepen is trouwens niet nieuw, Johannes heeft het overgenomen uit de profetieën van Ezechiël, hoofdstuk 39. Hij gebruikt dus een Bijbels beeld om iets duidelijk te maken. Maar wat? Wat is de boodschap van dit stuk uit de Bijbel? En kun je dat nog wel ‘evangelie’ noemen, goede boodschap?
[centraal: Jezus de overwinnaar]
We moeten echter niet teveel focussen bij dat feestmaal voor de vogels. Het is in feite slechts een ‘treffend detail’ in het grotere verhaal. Het geeft aan hoe totaal de overwinning is die wordt behaald: niets blijft er van de vijandelijke legers over. Johannes vestigt onze aandacht eerst en vooral op een andere figuur. Iemand op een wit paard, de aanvoerder van de hemelse legers. Híj moet ons vooral treffen!
Wie is deze man op het witte paard? Hij wordt bij een heel aantal namen genoemd: “trouw en waarachtig”, en “het woord van God” en “Koning der koningen en Heer der heren”. Alle uitleggers zijn het wel eens: dit is Jezus Christus zelf. Hij werd eerder al genoemd “de overste van alle koningen der aarde”. De Apostel Johannes noemt Hem elders “het Woord” – “in den beginne was het Woord, en het Woord was bij God en het Woord was God”. Jezus, onze Heer, Hij is het die weergeven wordt als ruiter en aanvoerder.
Het is wel een enorm contrast met andere voorstellingen van Hem. Net hiervoor werd hij nog ‘het Lam’ genoemd. Het Lam, dat wil zeggen, hij gedood werd, geofferd, zoals een lam of schaap in de tempel. Het Lam, dat is Jezus die lijdt en sterft. Jezus, zoals Hij op aarde was. Niet strijdend, maar lijdend. Zachtmoedig en nederig van hart. Als een lam werd Hij ter slachting geleid.Zo was Jezus bij zijn eerste komst. Dat is waar het bij het Heilig Avondmaal als eerste aan worden herinnerd.
Nu echter zien we Hem bij zijn tweede komst, zijn wederkomst in heerlijkheid. Nu valt alle nadruk op zijn macht en zijn overwinning. Koning der koningen, daarom draagt hij op zijn hoofd ook vele diademen – koningskronen. Zijn ogen zijn als vuur: doordringend en fel. Zijn witte paard wijst op een triomftocht, zoals Romeinse generaals die hielden op zo’n paard. Er komt een scherp zwaard uit zijn mond – symbolisch natuurlijk. Dat wijst op zijn machtswoord. Wat Hij zegt, gebeurt! Niemand kan zich tegen Hem verzetten. Jezus de overwinnaar! Hem zien we hier voor ons staan, gevolgd door de hemelse legers. Maar eigenlijk heeft hij die niet nodig, we lezen niet dat die legers ook maar iets doen. Jezus komt met macht!

[al het kwade weggedaan]
Dan is er ook nog de tegenstander. Het beest, en de koningen van de aarde en hun legers. Van dit beest hoorden we al eerder. Het beest is een symbool voor het Romeinse rijk dat de christenen vervolgde; en tegelijk staat het voor veel méér. Het is symbool voor alle machten en rijken en krachten die tegen God en tegen Jezus zijn, de eeuwen door. Het beest en zijn medestanders staan kortweg voor het kwaad, in welke vorm dan ook. Want, we hoorden het eerder, degene die het beest macht verleende is uiteindelijk de duivel.
Jezus strijdt tegen de kwade machten die de aarde in hun greep hebben, dát zien we in dit visioen. Hoe de strijd verloopt is dan heel merkwaardig. Als je hoofdstuk 13 las, leken het beest en zijn rijk oppermachtig! Heel de wereld, alle mensen had het onder macht. Het kwaad regeert. De mensen riepen bewonderend: wie is gelijk aan het beest? Wie kan er oorlog tegen voeren? Maar dan… dan komt Jezus. Híj kan het opnemen tegen het beest! Er is niet eens sprake van een echte strijd. In een oogwenk is het beslist! Het beest en zijn profeet worden in het vuur gegooid en hun legers afgeslacht. Opgeruimd, voorgoed! Het kwaad wordt weggedaan van de aarde.
Dit is met recht ‘the war to end wars’ – de strijd die alle strijd beëindigt. Het láátste gevecht. En in tegenstelling tot in boeken, waar het laatste gevecht vaak het grootst en het langst en het spannendst is… is dit gevecht niet eens de moeite van het beschrijven waard. Jezus komt, en kláár! De hemelse legers doen niets, de gelovigen op aarde al helemaal niets – Jezus beslist!
Wat is dit dan een hoopvol visioen! Want dit zien we: Jezus zal ingrijpen op aarde als Hij komt. Al het kwade en duistere, al lijkt het nog zo machtig, zal bij zijn komst in een oogwenk worden weggevaagd. Hij zal de grote opruiming houden, zodat Gods nieuwe wereld kan komen. Zodat de bruiloft van het Lam kan beginnen. Die is niet los verkrijgbaar! Nee, daar hoort dit bij: hoe Jezus alles wat God niet erkent, zal wegvagen. De keerzijde van de medaille. Het kwaad moet weg, wil Gods rijk kunnen komen! En Jezus belooft ons vanavond: daar zal Ik nu voor zorgen! Is dat geen goede boodschap? Ik zei al vanmorgen: wie aanzijn tafel zat, mag uitzien naar zijn komst!

[diepere vraag: dat geweld]
Maar toch… Misschien denkt u wel: ja, maar moet dat zó? Met zo’n slachtpartij? Past dat wel bij hoe de Here is? Hij is toch liefde? Jezus is toch zachtmoedig, u zei het net. Hoe kan Hij dan ook zó zijn? Waarom toch die oorlogszuchtige, die fanatieke gedeeltes in de Bijbel? Hier wil ik vanavond toch even dieper op ingaan, want dit zijn belangrijke vragen!
Om te beginnen: dit hele hoofdstuk is symbooltaal. Ik denk niet dat Jezus wederkomt op een paard, met uit zijn mond een zwaard. En net zo min zullen de gieren dan uitgenodigd worden voor een letterlijk feestmaal van mensenvlees. We moeten, zeker hier, door de symbolen tot hun betekenis komen!
Het beest en zijn handlangers krijgen hier eenvoudigweg terug wat ze in eerdere hoofdstukken de gelovigen aandeden. Genadeloos werden de christenen gedood – nu worden de vervolgers zelf gedood. In hoofdstuk 11 hoorden we van de twee getuigen die gedood werden. Daar hoorden we “de mensen lieten niet toe dat hun dode lichamen in het graf werden gelegd” – destijds de grootste schande die je een gedode tegenstander kon aandoen. Hier geeft God ze het verdiende loon terug: hun dode lichamen worden niet begraven, maar zijn voor de gieren. Rechtvaardige vergelding! De dingen rechtzetten, zoals we vorige week hoorden.
Ja, en als je zegt “God is toch liefde?” Dat is waar, maar het is slechts een déél van de waarheid. Een halve waarheid kan een hele leugen zijn. Alsof God maar één karaktertrek heeft! God is liefdevol, maar ook rechtvaardig. Juist dát staat centraal in dit gedeelte. Er staat met nadruk over de Ruiter gezegd: “hij oordeelt en voert strijd in gerechtigheid” – eerlijk. En daarom worden het beest en zijn legers door hem omgebracht, als verdiende loon.
Ja maar, God is toch genadig? Hij is toch niet van ‘verdiende loon geven’? Ja, en nee. God is véél liever genadig – dat wil zeggen dat Hij niet geeft wat iemand verdient, en een nieuwe kans geeft. Maar niet tot in het oneindige. In alle hoofdstukken hiervoor was er gelegenheid om je te bekeren. Maar het gebeurde niet. Tenminste, misschien wel losse mensen, maar niet het beest en zijn handlangers. En dan is het een keer uit! Als genade wordt geweigerd, treedt de vergelding in werking! Hoe kan Hij anders het kwaad een definitief ‘halt’ toeroepen?
Stelt u zich voor, dat God tot in het oneindige de wereld nieuwe kansen geeft. Misschien worden ze nú toch anders… Zou het werken denkt u? Het is trouwens ongelooflijk, hoe lang de Here het al aankijkt met deze aarde! Hij is werkelijk ‘lankmoedig’ – lang van geduld! Maar het houdt een keer op. En dan, zo zien we vanavond, dan komt Jezus zélf orde op zaken stellen. Met moeiteloze macht. Gelukkig maar! Anders werd de wereld nooit verlost.

[Slot]
Laten we vooral dát meenemen vanavond, nu we vanmorgen het Heilig Avondmaal hebben gevierd. Daar werden we vooruit gewezen naar de grote bruiloft, de bruiloft van het Lam. Daar werd ons verlangen gaande gemaakt naar die toekomst, naar die dag dat zijn liefde ons leven zal zijn. Waar er niets meer tussen Hem en u in zal staan. Ik hoop dat u er ook naar verlangt!
En tegelijk kun je je dan soms afvragen: gaat dat echt gebeuren? Want zo vaak lijkt het een ijle droom. Als je om je heen kijkt, zie je er niets van. De wereld draait door. En nog erger: de wereld draait dol! Het lijkt of het kwaad machtiger is. Al zijn er er honderd mensen die het goede willen, er hoeft maar één gek te komen en hij kan alles kapotmaken. Er lijkt geen blijvende oplossing te zijn voor de grote problemen, van honger en oorlog en armoede. Zoveel is kapot, ook in het klein, door ruzies en jaloezie en wrok. De duivel stookt erin!
En wat doet God? Zal zijn nieuwe wereld ooit komen? Wordt die bruiloft van het Lam ooit werkelijk? Het kan een vraag zijn die je echt beklemt! Maar luister dan naar het Bijbelgedeelte van vanavond. God laat een tijd lang het kwaad razen, zo leert Openbaringen, en zo leert de ervaring. Het lijkt zelfs oppermachtig. Maar… Eens, op Gods tijd, komt onze Heer en verlosser, Jezus Christus. Hij komt als overwinnaar. En als Hij komt, zal hij met moeiteloze macht al wat Hem weerstreeft wegvagen! Dan is het úit. Of beter gezegd: dan komt het nieuwe begin! Hij belooft het. Hij heeft macht genoeg, twijfel maar niet! Hij komt. Op zijn tijd!
En wij dan? We mogen uitzien naar die dag. Immers, voor wie bij Jezus hoort is dat geen dag der wrake, het is de bruiloft van het Lam! En tegelijk beseft u hopelijk dat ook wíj uit onszelf niet vrijuit gaan. Maar dan mogen we moed putten, juist uit wat het Heilig Avondmaal ons liet zien. Hoe Jezus niet alleen een overwinnende rechter is, maar ook een genadige bruidegom. Hij wil ons kleed net zo wit wassen als dat van zijn hemelse legers. Want Hij gaf zichzelf voor ons. Hij geeft de genade, opdat we niet hoeven te vrezen voor de vergelding. Zo waar we mochten delen in brood en wijn!
Wie zo Hem leert kennen, heeft Hem lief. Die maakt zichzelf gereed voor het grote bruiloftsfeest, in een heilig leven. En die wanhoopt nooit, al ziet de wereld er nog zo donker uit. Immers: Hij komt! Hij zal overwinnen! En dan, dan kan de grote bruiloft werkelijk beginnen. Zalig wie daartoe geroepen is!

Amen

Advertenties