Tags

, ,

Gemeente van Jezus Christus,

[intro: oud en nieuw]
het is oudjaar! De laatste uren van 2018 zijn aangebroken, en straks om twaalf uur begint het nieuwe jaar. Een markeringspunt, een moment om even bij stil te staan. Dat gebeurt dan ook overal: vanavond met vuurwerk en veel geknal, de komende dagen met de beste wensen van iedereen die je maar ontmoet, en de afgelopen dagen met jaaroverzichten in de krant, op TV en op internet. Die jaaroverzichten beheersen het nieuws flink zo eind december, bij gebrek aan echt nieuws in de kerstvakantie. Een nieuwsoverzicht met de voornaamste nieuwsfeiten van 2018 op een rijtje, een overzicht ‘het sportjaar 2018’ om alle medailles, records en bekers te memoreren, en natuurlijk niet te vergeten het lijstje met bekende mensen die in het afgelopen jaar zijn overleden.
Ook in je eigen leven kan de jaarwisseling een moment zijn van terugkijken. Dat er bekende Nederlanders zijn overleden laat je koud, maar dat je een familielied moest verliezen, dat komt dichtbij. Dat zal je herinnering van 2018 voor altijd beheersen. Anderen hebben juist mooie herinneringen, als een kind werd geboren, een huwelijk gesloten, een diploma behaald: dát was 2018 voor hen! Bij weer anderen heeft het leven gewoon rustig voortgekabbeld. Hoe dan ook, de jaarwisseling zet je even stil, laat je even terugkijken. Hoe was het, de afgelopen twaalf maanden? Viel het mee, of viel het tegen? Kwamen je verwachtingen uit, is wat je hoopte werkelijkheid geworden, of ging het heel anders? Zo zitten we hier, ieder met zijn eigen gedachten op oudjaar.

[wat geloof is]
Uit de Bijbel lazen we Hebreeën 11, een hoofdstuk met als thema ‘geloof’. Weet u, geloof heeft ook alles te maken met verwachtingen! Met hoop die werkelijkheid wordt – althans, dat geloof je. Heel passend dus voor een moment als dit.
In bijna elke zin van dit hoofdstuk keert het terug: Door geloof… door zijn geloof… door haar geloof… Het thema van dit hoofdstuk, dat kan gewoon niet missen. Maar wat is geloof eigenlijk? ‘Ik geloof van wel’ zegt iemand, en hij bedoelt: eigenlijk weet ik niet goed hoe het zit. Maar is dat geloven zoals de Bijbel het bedoelt? Volgens anderen is geloof een soort van wishful thinking, iets dat de mensen zichzelf aanpraten. ‘Geloof’ is soms ook een ander woord voor religie, bijvoorbeeld ‘het islamitische geloof’. Zo bezien zijn er verschillende geloven – op één kussen slaapt er de duivel tussen, zegt men.
In het Bijbelgedeelte dat we lazen wordt echter op een heel andere manier over geloof gesproken. Geloven is: Gods beloftes geloven, het is voor waar aannemen wat God zegt, en vooral wat Hij toezegt. De voorbeelden die volgen laten het zien. God zei: er komt een grote vloed, en Noach geloofde het, al was er nog niets te zien. God beloofde aan Abraham: je zult een zoon krijgen – Abraham was al 90 op dat moment. En… Abraham geloofde het! Dat is nu geloven. Geloven in de Bijbelse zin is de reactie op Gods béloven. Ze horen bij elkaar als hol en bol.
Gelooft u en geloof jij eigenlijk op die manier? De Heer belooft ons: ik maak alle dingen nieuw. Hij belooft: ik vergeef élke fout vergeeft aan wie berouw heeft, om Jezus’ wil. Hij zegt toe: ik zal je nooit loslaten. Geloof je dat? Heb je überhaupt een helder beeld van wat Hij zoal belooft? Hoe belangrijk is dat! Want dat is geloven zoals de Hebreeënbrief het ons leert: bouwen op Gods beloftes. Dan heb je een stevig fundament voor het nieuwe jaar!

[gevolg van geloof: leven als gasten en vreemdelingen]
Wat heeft dat dan voor gevolgen, als je leeft uit geloof? Als je al je vertrouwen stelt op wat God heeft gezegd? Wel, één ding trof me meteen in dit gedeelte. Als je gelooft in wat God belooft, dan zie je uit naar de vervulling van zijn woorden. Dan zie je uit naar dat God alles anders maakt. En dat betekent, dat betekent dat je het in het hier en nu nooit helemaal kunt vinden. Je leeft met je blik naar de toekomst, je ziet uit. Je gaat niet op in wat er nu is, want daar vind je de vervulling niet. Ik vroeg me af: is dat wel zo bij ons, is dat wel zo bij mij?
Het Bijbelgedeelte verwoordt het als volgt: ‘ze – Abraham, Izaak en Jakob – ze leefden op aarde als gasten en vreemdelingen’. Ze waren niet thuis, ze hadden geen echte rust, totdat God waarmaakte wat Hij beloofd had. Vreemde mensen waren het, die niet helemaal opgingen in het schapen hoeden, maar wachtten op wat God zou doen. Abraham, die de stem hoorde: ga uit je land naar het land dat Ik wijzen zal – en het deed! Isaak die wist: God zal mij eens dit land geven, en door mijn nageslacht heel de aarde zegenen. Het maakte dat ze anders in het leven stonden. Gasten en vreemdelingen, levenslang.
We mogen ons wel afvragen, als we dit horen aan het einde van het jaar: hebben we ons ook nog een beetje vreemdeling gevoeld op aarde? Of waren we helemaal thuis in 2018? De dingen waar we voor gingen – kon je ze vinden? Ook je diepste verlangens? Of voel je vaag wel aan: daar moet je toch voor bij God zijn? Zijn wij, westerse en Woudrichemse christenen, soms niet een beetje té veel op onze plek in de wereld? Als ik bij mezelf kijk, vaak wel! Geloof is, als ik niet steeds me weer tot God wend, soms eerder een soort extra, een vakje in mijn hoofd naast vele andere, niet datgene wat mijn diepste verlangen bepaalt.
Gasten en vreemdelingen – het omslaan van de kalender wijst ons er allen op dat we onderweg zijn, niet een vast verblijf hebben in de tijd. Christenen van een oudere generatie zeiden wel ‘je moet je tentpinnen niet al te diep inslaan’ – een uitdrukking ontleend aan dit gedeelte, zie vers 9. Je bent hier, je moet hier leven, maar je bent ook altijd bereid om op te breken, om de Heer te volgen. Of is dat niet zo? Hebben we hier bij wijze van spreken geen tent opgezet maar een huis met heipalen? Ben je in wat je doet en verlangt een wereldburger als alle anderen? Als je een gast bent, een pelgrim op weg naar Gods toekomst, zal dat toch ergens in blijken. In prioriteiten, in tijd- en geldbesteding, in dingen waar je afstand toe houdt… Of klinkt dat allemaal achterhaald?

[geloof laat je verwachtend uitzien naar wat nog niet is]
Leven uit geloof maakt je gast en vreemdeling, dat is de ene kant. Het maakt dat veel dingen in de jaaroverzichten je minder boeien denk ik, je krijgt gevoel voor het relatieve ervan. Maar aan de andere kant is het het positieve, wat je wél doet omdat je gelooft in wat God zegt. Wat dan? Je leven wordt gestempeld doordat uitzien naar dat Gods beloften uitkomen! Dan zoek je misschien andere dingen in de jaaroverzichten. Je zoekt naar tekens van Jezus’ komst, je let op de tekens van de tijd. Was dáár iets van te zien het afgelopen jaar? Je ziet uit naar de dag dat God alles nieuw zal maken. Juist met oudjaar, als alle rampen en onrust van het afgelopen jaar nog een keer langskomen, dan kun je verzuchten: Heer, hoe lang nog?
Misschien was het afgelopen jaar wel een zwaar jaar voor u, of voor mensen om u heen. Dan kun je verzuchten: Heer, waar bent u? U belooft toch dat U altijd bij me bent? Je verlangt naar zijn licht in het donker. Of misschien zeg je, nu met oudjaar: Heer, u hebt toch beloofd dat u gebeden hoort. Ik heb alweer een jaar gebeden voor mijn kinderen. Maar wat werkt het uit? Leven in geloof is uitzien naar wat God belooft, in het groot voor de wereld, en in het klein voor je eigen leven.
Dan sta je op dezelfde manier in het leven als Abraham en die anderen uit dit hoofdstuk. Ze zagen ook uit, ze vertrouwden op Gods belofte. Maar zagen ze er veel van? Nou nee! De Heer had gezegd tegen Abraham: jouw familie zal het hele land Kanaän bezitten. Maar toe Abraham stierf, en Isaak, en zelfs Jakob, was er van vervulling nog niets te zien! Het Bijbelgedeelte zegt “zij allen zijn gestorven, wat hun beloofd was, zagen ze géén werkelijkheid worden”.
En tóch, ze leefden uit Gods beloften! De vraag voor ons vanavond is: doen wij dat ook? Leef je in verlangen, herhaal je zachtjes voor je uit Gods beloftes, bid je erom… Of speelt dat allemaal niet zo’n rol in je leven? Leef je gewoon voor werk en gezin en vakantie? Allemaal goede dingen, en je mag dankbaar zijn vanavond ervoor, maar het is te weinig! Soms is het goede de vijand van het beste! Wie gelooft, kan het in het hier en nu niet vinden, die verlangt naar wat is beloofd, die ziet uit naar wat nog uitstaat! Wat verlang jij voor 2019?

[wij: geloof als grotendeels vervulde verwachting!]
En toch, dat is het derde dat ik wil noemen vanavond, is dit niet het hele verhaal. Zo zou het nog lijken alsof wij in dezelfde positie zijn als die gelovigen uit het Oude Testament. Dat we niet méér hebben dan Gods belofte. Dat je nog niets hebt, en alleen maar uitkijkt, terwijl je je soms afvraagt: is het allemaal geen ‘pie in the sky’ – geen luchtkasteel?
Nu moet ik zeggen dat in dit gedeelte de nadruk ligt op de overeenkomsten tussen ons en de gelovigen van vroeger. Maar toch, aan het einde van het hoofdstuk wordt iets intrigerends gezegd. Wij hebben meer! Kijk maar in vers 39 en 40: “al deze mensen, die van oudsher om hun geloof geprezen worden, hebben de belofte niet in vervulling zien gaan, omdat God voor óns iets beters had voorzien”. De mensen toen zagen dus geen vervulling, maar voor ons, de gelovigen van het Nieuwe Testament, is er iets beters! Wat dan? Ik zal deze zin nog eens voorlezen, maar dan volgens de Bijbel in Gewone Taal: “Al die mensen hadden een groot geloof. Daarom heeft God in de heilige boeken over hen verteld. Toch hebben ze tijdens hun leven niet gekregen wat God beloofd had. Want God had bepaald dat het allerbelangrijkste pas in onze tijd zou gebeuren: Jezus Christus zou op aarde komen en voor de mensen sterven”. Deze vertaling is ingevuld vanuit het vervolg. Daar wordt Jezus genoemd de grondlegger en voltooier van het geloof. Al die geloofshelden van vroeger zijn mooi, maar Jezus is nog veel meer!
Dankzij hem mogen we al heel veel hebben, dat de gelovigen van vroeger niet hadden. Gods nabijheid – Hij is gekomen als mens, en later heeft Hij de Geest gezonden. Die had Abraham niet! Hij had alleen Gods stem een aantal keer gehoord, soms met jaren ertussen. Stel je voor! Wij hebben de Bijbel, én de Geest, én de gemeente om elkaar erbij te houden. Maakt dat je niet een stuk zekerder! Wat hebben we nog meer? Zekerheid van vergeving, omdat we weten: Jezus heeft alle schuld en straf gedragen aan het kruis. Koning David moest het maar afwachten, toen hij de fout inging met Batseba. Maar jij mag geloven: er is altíjd vergeving als ik berouw heb, want daar heeft Jezus voor gezorgd! Wij hebben nog meer. Er is er Eén die al is opgestaan in het nieuwe leven: Jezus. Dus het kán, het gebeurt! Maakt dat het niet veel gemakkelijker om te geloven dat God woord houdt? Dat eens alles nieuw zal worden? Ja sterker nog, je mag al een nieuw leven hébben in Hem, dat niemand je meer kan afpakken. En ga zo maar door, ik zou er een hele preek over kunnen houden op zich: over alles wat Jezus geeft.
Dit is óók geloven: dankbaar aannemen al wat Jezus geeft. Uitzien naar wat nog komt, maar óók aannemen wat nu als gegeven wordt. Doet u, doe jij dat? Dat je zegt: Heer, dánk u dat U mijn Vader bent door hem. Dank u dat u steeds weer mijn zonden vergeeft. Dank U dat uw Geest elke dag met mij bezig is om met te vernieuwen. Ja, dank u dat u mij een eeuwige toekomst garandeert. Geloof je dat Jezus dat alles geeft? Neem je het aan? Leven van Gods beloften, het is een leven als vreemdeling, maar niet als een arme vreemdeling. Nee, je bent rijk – net als Abraham, hoewel een vreemdeling, niet arm was maar rijk! Ik zou u willen uitdagen: maak vanavond eens een overzicht van wat u in Jezus hébt!

[slot, samenvattend]300
Oud en nieuw. Het is een tijd om terug te kijken en vooruit. Wat heb je ontvangen, en wat verwacht je nog? Als vanzelf doe je dat op het aardse vlak. Dit ging goed, en dat was zwaar, en hopelijk gaat het volgend jaar weer beter, of nog beter. Vanavond helpt de Bijbel ons echter om een stap dieper te kijken. Kijk naar wat je ontvangt in het geloof, kijk nar wat je verwachtingen zijn in het geloof!
Want of 2018 nu een mooi of een moeilijk jaar was, wat mag je rijk zijn met wat Jezus geeft. Vergeving, zekerheid, toekomst, nabijheid – Hij geeft het alles. Aan wie? Aan wie gelooft wat God in Hem belooft! De belangrijkste vraag is: is dat uw levenshouding geweest het afgelopen jaar? Levend uit de beloften?
Dat geeft meteen verwachtingen voor de toekomst, voor het komende jaar en verder. Want de Heer belooft nog meer, ook dingen die nog uitstaan. Daar mogen we naar uitzien! U mag uitzien naar vernieuwing van uw leven, u mag uitzien naar de verhoring van uw gebeden. Uitzien mag u naar de verspreiding van het evangelie over heel de wereld, uitzien naar de vervulling van Gods beloften voor Israël. En achter dat alles: u mag verlangend uitzien naar de dag dat alles nieuw zal worden. Als Jezus komt, de grondlegger en voltooier van ons geloof. Wie weet wanneer? Wie weet hoe weinig keer nog oud en nieuw?
Wees dan maar een vreemdeling hier. Zie uit naar wat komt, en leef uit wat Hij al geeft!

Amen

Advertenties