Uit de Bijbel is gelezen: Genesis 1:24-2:3 en 2:15, en Psalm 104:10-24
Gemeente van Jezus Christus,
(Intro: polarisatie)
Als het gaat over dingen als klimaat en natuur, dan heerst daarover in onze maatschappij een behoorlijke polarisatie. Aan de ene kant zijn er groepen die roepen dat klimaat een linkse hobby is, en dat windmolens draaien op subsidie. Blokkades op snelwegen we roepen ergernis en zorgen dat mensen een afkeer krijgen van ‘groene gekkies’. Dan heb je ook nog de stikstofregels die ons land behoorlijk klemzetten. Bouwplannen worden erdoor gehinderd, ook hier in Beekbergen. En als de stikstofregels geen roet in het eten gooien, dan mag je nog hopen dat er niet een of ander beschermd dier gevonden wordt. Geen wonder dat mensen zeggen “liever een huis dan een vleermuis”. Dan zijn er boze boeren die zich met steeds wisselende regels geconfronteerd zien. Die dierlijke mest duur moeten afvoeren en kunstmest moeten aanschaffen, en zich af vragen hoe de natuur daarmee geholpen is.
Aan de andere kant klinken de stemmen van mensen die vinden dat we de ernst van de situatie niet beseffen. Afgelopen dinsdag was het 34 graden hier in Beekbergen. Een 90-plusser vertelde mij van de week dat in haar jeugd het zelfs ’s zomers amper ooit zo warm was. En nu is het pas mei… De aarde warmt op. En wat zal dat brengen, sluipend langzaam? Uitdroging, zeespiegelstijging, mindere oogst, vluchtelingenstromen. Of denk aan de terugloop van insecten, die onze voedselgewassen moeten bevruchten. Je kunt denken aan de vervuiling met PFAS, waardoor wordt afgeraden om eieren van je eigen erf te eten, ook in deze streek. En de roep klinkt: er is zijn ingrijpende maatregelen nodig, de overheid doet nog lang niet genoeg!
Vanavond een preek over ‘omgang met de schepping’. Een zeer relevant thema, juist in deze tijd. En laten we dan proberen boven de polarisatie uit te komen. Laten we dieper graven dan voor of tegen bepaalde dingen te zijn. Ik wil met u en jou op zoek gaan naar lijnen die er vanuit de Bijbel te trekken zijn voor de omgang met Gods schepping. En dat zeg ik bewust zo. Niet ‘de natuur’ – dat klinkt neutraal. Maar Gods schépping, dat geeft meteen al een ander perspectief.

(bouwen en bewaren, rentmeester)
Als we het hebben over de schepping koma lezen we Natuurlijk uit Genesis een waarover de schepping verteld wordt. God maakt heel deze aarde, en ook de mens. De mens is anders dan de andere soorten: geschapen naar Gods beeld en gelijkenis. En in tegenstelling tot de andere schepselen krijgt de mens daarom een bijzondere taak. In Genesis een wordt het genoemd ‘heersen’ en ‘de aarde onder je gezag brengen’. En in Genesis twee wordt het genoemd ‘bewerken en erover waken’. Of zoals oudere vertalingen het noemen ‘bouwen en bewaren’. Wij Mensen, wij krijgen gezag toegekend van God. We mogen de wereld gebruiken. En We moeten de aarde beheren. Dit wordt wel het ‘scheppingsmandaat’ genoemd. En dit geeft meteen al aanwijzingen voor de goede omgang met Gods schepping.
Vanouds wordt hier het beeld van de rentmeester gebruikt, dat maakt de dingen concreter. Een rentmeester is iemand die een landgoed beheert namens de eigenaar. De eigenaar in dit geval is God. Zoals psalm 24 het zegt “de aarde en haar volheid zijn/ des heren Koninklijk domein”. Het beheer echter heeft hij aan de Mensen uitbesteed. Wij zijn zijn rentmeesters. Een rentmeester moet goed zorgen voor wat aan hem toevertrouwd wordt. Hij kan het landgoed niet verwaarlozen, hij moet het ook niet uitputten of kaalplukken. Hij moet zorgen voor een goede opbrengst voor zijn heer, en voor het welzijn van Iedereen op het landgoed die aan zijn zorg is toevertrouwd. Wel, zó is de taak van de mens op aarde, kun je afleiden uit Genesis een en twee. We moeten goede rentmeesters zijn. ‘Rentmeesterschap’ Is dan ook een term die je terugvindt In de verkiezingsprogramma’s van de christelijke partijen. En dingen zoals land en lucht vervuilen, de aarde uitputten, gaan daar duidelijk tegen in.
(Gevaren van het ‘rentmeester’- beeld)
Dit beeld van de mens als rentmeester wordt al eeuwen In de christelijke kerken gebruikt. En tegelijkertijd heeft het helaas de westerse, zogenaamd ‘christelijke’ landen niet weerhouden om de aarde behoorlijk uit te putten. Om dieren Alleen als productiemiddel te zien, en bossen als voorraden kaphout. Er zijn zelfs Mensen die zeggen juist het christelijk geloof heeft bijgedragen aan een ongeremde exploitatie van de aarde. Als je een natuurgodsdienst aan hangt zul je dat minder snel doen, want dan is harmonie met de natuur belangrijker.
Een van de dingen waarnaar gewezen wordt is dan het beeld van de rentmeester. Is dat Misschien een gevaarlijk beeld? Ik denk dat critici hier wel een punt hebben. Sowieso komt dat beeld van de mens als rentmeester niet voor In de bijbel! En jezelf als rentmeester zien heeft gevaren. Wanneer je de mens “rentmeester over de schepping” noemt, vergeet je heel snel dat wij ook zelf een deel zijn van Gods schepping. We zijn deel van het web van het leven! Het maakt verschil, of je een dier als medeschepsel van God ziet, of alleen als ‘iets wat onder jou staat’. Ten tweede is dat beeld van de rentmeester een economisch beeld. Een rentmeester wil een goede opbrengst realiseren, rendement. Dan zo is het gevaar groot dat we onze omgang met de aarde vooral in termen van nut en opbrengst gaan zien. Echter, welke opbrengst en voor wie? Onbewust denk je al heel snel aan het rendement voor óns. Dan is een akker beter dan een veld vol bloemen, Dan is een bos met rechte stammen productiever dan een wild woud. Dan ga je naar een walvis kijken als een bron van traan en baleinen, in plaats van dat je de Leviathan uit psalm 104 herkent die God maakte, zo staat er, om mee te spelen. Dan moeten alle woeste gronden ontgonnen worden, dan heeft een moeras geen nut. En ga zo maar door.
(welke opbrengst wil God?)
Maar voor wie realiseert een goede rentmeester de opbrengst? Voor zijn heer natuurlijk, niet voor zichzelf. In het beeld van vanavond dus: voor God. Het gevaar van het rentmeesterbeeld, is dat de Allerhoogste helemaal naar de achtergrond kan verdwijnen. Maar wat voor beheer wil God eigenlijk van zijn schepping? Heeft dat alleen met opbrengst en nut voor de mens te maken? Heeft God de opdracht gegeven om de aarde zoveel mogelijk suikerbieten en melk en balken te laten opleveren? Hij heeft die dingen niet nodig, hoor!
Ik denk dat voor God ook heel andere opbrengst telt, die voor ons mensen wat minder nuttig is. Vogels die zingen tot zijn eer, dat is vast iets wat Hij ook graag ziet. Beheer van de aarde waarbij de vlinders verdwijnen, zou dat zijn wat Hij wil? Of lelies op het veld, waar Jezus zo mooi over spreekt maar die geen nuttig product voortbrengen voor ons… Ik denk toch dat het opbrengst is voor Hém. Schoonheid, lied en lof. Dát is wat God graag wil dat zijn aarde oplevert. En wij als rentmeesters, hebben we dát op het oog? De aarde, heel dat ingewikkelde samenspel van alles wat leeft, het is Gods grootse kunstwerk. Houden we dat heel? Of gaan we alleen voor opbrengst, met monotone akkers en rechtgetrokken beken? Ik denk dat juist wat wij ‘nutteloos’ noemen, voor God vaak een grotere opbrengst geeft aan schoonheid en eerbetoon.
Een voorbeeld. Als landbouwgrond wordt omgevormd tot natuur, is er soms protest dat christelijk klinkt. “Dat kan toch niet, goede grond opgeven die God ons geeft! Dat is geen goed rentmeesterschap, dat is zonde!” Ja, als je alleen denkt aan opbrengst voor de mens, is het zonde. Maar het ís niet zo dat natuurgebied geen opbrengst heeft! Alleen een andere opbrengst, minder voor ons als rentmeesters en meer voor God, de Heer: vogels die zingen, bloemen die bloeien, een weerspiegeling van zijn wijsheid en creativiteit. En wij mensen mogen meegenieten.
(hoe slecht het gaat)
Wanneer de mens centraal gaat staan, moet je altijd oppassen, dat is een christelijke kernnotie op alle terreinen. En dat geldt ook in de omgang met Gods schepping. En helaas, ook in het voorheen christelijke westen is dar heel veel fout gegaan. De vraag naar een goede omgang met de schepping is urgent, want het staat er werkelijk slecht voor. Zóveel soorten zijn al uitgestorven of dreigen uit te sterven – en telkens verdwijnt er zo iets wat God maakte, onomkeerbaar. Er vallen letters weg uit het boek van de natuur, waar we zo over zullen horen in de geloofsbelijdenis. Ik denk aan de bio-industrie, waar dieren als machines worden gezien die een gewenst product maken: vlees, eieren of wat ook. Worden ze nog als schepsels gezien, met een eigen waarde? Ik denk aan de opwarming van de aarde. Niet alleen is te vrezen dat zo bijvoorbeeld de koraalriffen afsterven, hoogtepunten in Gods scheppingskunstwerk, maar ook voor onszelf is het schadelijk. Juist in het laaggelegen Nederland wil je niet dat de zeespiegel stijgt – al zullen we het hier in Beekbergen wel drooghouden. En juist de armste mensen op aarde voelen het eerst de gevolgen: misoogsten en overstromingen – terwijl zíj er het minste schuld aan hebben. Maar ook wij worden niet blij als het ’s zomers 40 graden wordt, en de gewassen op onze akkers ook niet.
Nee, het haat echt slecht met Gods schepping. Als je open mijnen ziet, als littekens in het landschap. Als je denktaan beelden van vogels vol olie. Als je cijfers hoort over ontbossing voor sojaplantages voor ónze varkens… Dan is dat niet alleen erg. Vanuit gelovig perspectief moet je zeggen: dat is schuld voor God. Een schande wat we doen met de ons toevertrouwde aarde. Dan mogen we wel schuld belijden. Het is niet alleen dom, maar ook schuld tegenover de Schepper. Beseffen we dat? Heb je dat ooit uitgesproken in je gebeden?
En na schuldbelijdenis komt bekering, als het goed is. Dat je probeert het anders te doen, beter. Meer volgens de opdracht die God ons gaf. ‘Bouwen en bewaren’ – waarbij we in onze tijd wel een streepje mogen zetten onder het laatste. Goede rentmeesters zijn, gericht op Gods opdracht, niet op onze opbrengst.
(Bijbelse waarden en concretisatie)
Maar hoe dan? Wat dat betreft is de Bijbel een boek uit een heel andere tijd. In de tijd van Genesis was de mens geen bedreiging voor de natuur, maar was de natuur bedreigend voor de mens. Wij leven in heel andere omstandigheden. De industriële samenleving is iets wat In de Bijbelse tijd onbekend was. De bijbel geeft Daarom geen concrete richtlijnen voor natuurbescherming. Wel zijn er waarden in te vinden die ons kunnen helpen bij een goede omgang met Gods schepping. Ik noem er drie: ontzag, matigheid en rechtvaardigheid.
Allereerst ontzag dus. En dan bedoel ik ontzag voor het wonder van de schepping. Zoals psalm 104 het zegt “hoe groot zijn uw werken, Heer, alles hebt u met wijsheid gemaakt”. Of psalm 139 “wonderbaarlijk is wat u gemaakt hebt, ik weet het tot in het diepst van mijn ziel”. Dan krijg je dóór de schepping ontzag voor God, en dan zul je met meer respect omgaan met wat Hij maakte. Dat ontzag kun je voeden, door de natuur in te gaan en gewoon te kijken. Door te wandelen in het bos of stil te zitten in je tuin, als je die hebt. Door je te verdiepen in hoe de natuur werkt, hoe alles in de schepping met elkaar verweven is. Ontzag kun je aankweken. Heb als christen maar allereerst óóg voor wat God allemaal maakte – daar begint het mee.
Dan ten tweede matigheid. Een houding van tevredenheid, van niet steeds méér willen hebben. Met die laatste houding begint de uitputting van de aarde. De gemiddelde Nederlander leeft zo, dat er drie aardbollen nodig zouden zijn! Maar wie gelooft, mag leven uit dankbaarheid. Als je weet dat Gods liefde je basis is, dan hoef je je waarde niet te ontlenen aan steeds nieuwe kleren, of aan een dikke auto of een verre vakantie. Matigheid. Goed voor je ziel, en ook goed voor Gods schepping.
En ten derde: rechtvaardigheid. De Bijbel staat vol met oproepen om recht te doen. Als er drie aardbollen nodig zijn voor jouw levensstijl, en er is natuurlijk maar één aarde, dan hebben anderen dus te weinig. Is dat rechtvaardig? Het in Nederland gebruikelijke consumptiepatroon schaadt de natuur, en schaadt andere mensen. Heel vaak is dat verweven. Als je rechtvaardig je spullen wilt kopen, koop je geen goedkope troep, maar liever dingen die duurzaam zijn en waar de arbeiders een eerlijke prijs voor krijgen. Dat gaat over het algemeen langer mee, dus zijn er minder grondstoffen nodig en is de milieu-impact kleiner. Wie rechtvaardig wil consumeren, zal vanzelf de aarde minder belasten.
Zo rijkt de Bijbel dus waarden aan: ontzag, matigheid, rechtvaardigheid. Laat die ons gedrag leiden, om als goede rentmeesters te leven op Gods aarde.
(concretisatie)
En tegelijk besef ik dat zulke waarden nog erg abstract kunnen zijn. “Matigheid” – OK, maar wat betekent dat concreet? En er zijn natuurlijk allerlei dingen waarvan we weten dat ze goed zijn voor het milieu, voor de schepping. Recyclen, kort douchen, huis isoleren. Maar stel dat je nu echt concreet stappen wilt zetten, want heeft dan het meeste invloed? Als je je wilt bekeren op dit gebeid, waar kun je dan het beste beginnen?
Laat ik daarom tenslotte even héél concreet worden. Voor sommige mensen misschien té concreet bijna, maar het lijkt me toch goed om te noemen Wil je goed met de schepping omgaan, let dan vooral op de ‘vier V’s’ Dat zijn de dingen die verreweg het meeste zoden aan de dijk zetten als je goed met de aarde wilt omgaan. De vier V’s: vliegen, vlees, verwarming, vervoer. Andere dingen, zoals kort douchen of niet onnodig lichten laten branden, hebben verwaarloosbaar weinig effect vergeleken met deze vier.
Vliegen. Vliegen is verreweg het meest schadelijke ding voor Gods schepping dat de meeste mensen doen. Enorme uitstoot, voor meestal éven een vakantie. Alles wat je de rest van het jaar doet voor de natuur, doe je er in één keer mee te niet. Dus: niet vliegen als het niet echt nodig is
Dan vlees. Ja, het spijt me, maar een dieet met veel dierlijke producten is niet echt goed voor de aarde. Ontbossing voor veevoer, mest en stikstof… Matiging in vleesconsumptie is één van de eenvoudigste dingen die je kunt doen voor Gods schepping.
Dan verwarming: alles wat we verbranden om ’s winters warm te blijven, warmt niet alleen je huis, maar ook de planeet op. Dus isoleren of de thermostaat wat lager zetten is niet alleen goed voor de portemonnee, maar ook voor goed rentmeesterschap
En tenslotte vervoer. Dan denk ik vooral aan alle autokilometers op fossiele brandstoffen. Elektrisch rijden is al beter, maar ik bedoel vooral: ga fietsen, lopen of neem de bus of trein. De meeste autoritten in ons land zijn voor korte stukjes, dus daar is veel te winnen.
Zo even heel concreet: de vier V’s. Niet voor milieufreaks of groene gekkies, maar voor wie serieus wil nemen dat deze aarde van God is, en wij er verantwoord mee mogen omgaan.
(slot)
En moeten wij dan de wereld redden? Nee, dat niet. Pas maar op voor wat ze noemen ‘klimaatreligie’. Dan wordt je inzet voor de aarde een nieuw geloof, waarin je jezelf moet redden door goede werken. Een nogal deprimerend geloof ook, want helaas gaat het alleen bergafwaarts met de wereld. Je zou er moedeloos van worden. Maar als christen mag je geloven: God laat de werken van zijn handen niet los. Hij heeft de aarde in onze handen gegeven als mensen, en dat gaat fout. Maar uiteindelijk zal Hij zelf de regie weer nemen en alles nieuw maken. De wereld redden is niet onze taak.
Maar wél hebben we die opdracht. Beheer de wereld. Doe wat je kunt. Niet in de hoop de wereld te redden, maar uit ontzag voor God. Uit eerbied en liefde voor Hem, en voor zijn schepping. Dan heeft geloven óók hele concrete gevolgen. Tot je vakantie en je thermostaat toe. Niet om elkaar de maat te nemen daarin, maar om samen te zoeken hoe we ook zó kunnen leven als mensen van God.
Amen