Tags

, ,

Gemeente van Jezus Christus

[intro: beelden]
“Het woord is vlees geworden”. Dat is Kerst in een paar woorden. “Het woord is vlees geworden” – God is een mens geworden. Ik wil vanavond proberen dat wat dichterbij te brengen, zodat we des te meer onder de indruk raken van dit ongekende wonder. God die mens werd. Als je dat werkelijk tot je laat doordringen, dan ga je ‘aanbidden bij de kribbe’.
Ik heb hard gezocht naar een voorbeeld, om duidelijk te maken wat het betekent dat God mens werd. Ik moest denken aan een verhaal over Karel de Grote. Er wordt verteld dat hij soms zijn koningskleren aflegde, en incognito onder de mensen kwam, verkleed als een arme arbeider. Zo kon hij de stemming onder de mensen peilen, en eens horen wat het volk echt dacht. Immers, als hij zijn koningsmantel aanhad, durfden de mensen niet eerlijk te zeggen wat ze van zijn regering vonden. En daarom werd koning Karel soms voor even een bedelaar. Dat God een mens werd, is dat net zo iets? Nee! Koning Karel bleef dezelfde, alleen zag hij er even anders uit. Dit is gewoon een verkleedpartij.
“Het woord is vlees geworden” zegt de Bijbel echt. Keizer Karel deed zich voor als een arbeider, God werd echt een mens . Dat is véél dieper – zo diep, dat je geschokt raakt als je het echt tot je laat door dringen. C.S. Lewis, een Engelse schrijver zegt daarover het volgende. “Stelt u zich voor, je bent thuis, en aan je voeten ligt je hond. Want je bent een hondenliefhebber, je houdt erg van het dier. En stel je nu voor, dat jouw trouwe hond, en alle honden, in grote nood verkeren. Je zou dan natuurlijk graag willen helpen. Als je nu jouw hond, en al die honden zou kunnen redden door… zelf een hond te worden, zou je dát dan doen? En niet te snel ‘ja’ zeggen! Zou je je menselijke natuur kwijt willen, je geliefden verlaten, afzien van je baan, je hobby’s, je boeken en muziek en sport? Zou je in plaats van om te gaan met je medemensen, ervoor kiezen om alleen nog maar naar ze te kunnen kwispelen? Zou je je spraak kwijt willen, en je handen, en het vermogen om te lachen?”
Welnu, ongeveer zó moet je het zo voorstellen als er staat “het Woord is vlees geworden” – God werd een mens, om ons mensen te redden. En ook met dit voorbeeld kan ik het nog niet vatten!

[het eeuwige Woord en zijn grootheid]
Het Woord werd vlees, zegt onze tekst. Wat is dat, het Woord? Theologen zeggen dan “de tweede persoon van de Goddelijke drie-eenheid”. Maar laat ik het anders zeggen vanavond: het Woord, dat is Jezus voordat Hij Jezus werd. Jezus is namelijk de naam van een mens, aan het begin van onze jaartelling geboren in Bethlehem. Maar deze Jezus is het Woord dat vlees geworden is! De eeuwige Zoon van God, die er al was voor de wereld ontstond. “In het begin was het Woord” – niet voor niets doen deze woorden denken aan de eerste woorden van de Bijbel , het scheppingsverhaal. Tóen was Hij er al! Hij was bij God, in de eeuwige heerlijkheid. Nog sterker: Hij wás zelf God. Niet een engel of een geest, maar God Zelf. Hoger en heiliger en machtiger dan wij ons kunnen voorstellen. Dat was zijn positie.
Nu wordt Hij niet voor niets ‘het Woord’ genoemd. Immers, het scheppingsverhaal vertelt hoe God door zijn woord, door te spreken, alles schiep. “En God zei: laat er licht zijn! En er was licht”. In de schepping was de hele drie-eenheid actief. Zo staat er “Laat ONS mensen maken” – meervoud. Het Woord, de Zoon, was betrokken in de schepping. Het is niet zo dat Hij pas een taak kreeg toen het Woord vlees werd – nee! Hij heeft alles geschapen. Alles wat maar bestaat, dankt zijn ontstaan aan Hem, aan het scheppende Woord. En niet alleen het ontstaan, ook het blijven bestaan van alles komt door zijn goddelijke kracht. “In Hem was het leven, en het leven was het licht voor de mensen” zegt Johannes ons.
Zó was het Woord dus voordat het vlees werd. Eén van de drie-eenheid, in heilige liefde verbonden met zijn Vader door de Geest, vol macht, luister en majesteit. Schepper, geen schepsel; onbeperkt, aan niets onderworpen. De ontzagwekkende God.

[de kleinheid van het kind]
Ik sta hier met opzet even bij stil, want nu komt het wonderlijke. Het Woord – de eeuwige, machtige, ontzagwekkende en liefdevolle God – werd vlees, werd een mens! Dát is toch wat! Het woord ‘vlees’ draagt veel betekenis in zich, maar ik licht er nu één ding uit. ‘Vlees’, dat is vergankelijk, beperkt bestaan. Je kunt wel zeggen: de Schepper werd een schepsel, de eeuwige werd tijdelijk, de onvergankelijke werd vergankelijk! Het is nog maar zwak om dit te vergelijken met een mens die een hond word. De afstand tussen ‘God’ en ‘mens’ is veel groter. En tóch wilde Hij zóveel afleggen, kwijtraken, om u en mij, en alle mensen te hulp te komen: vreugde, ongestoorde gemeenschap met de Vader… Is dat geen ontzaglijk en onbegrijpelijk wonder!?
Hij werd geboren als een baby. Je zegt het zo makkelijk, maar denken we ons wel in wat dat betekent? Een bevalling, een bloederig gebeuren, en naar men zegt voor elk kind de eerste traumatische ervaring. Hij werd een baby – een baby weet niets, niet eens wie hij zelf is. Een baby is hulpeloos, afhankelijk van anderen die hem verzorgen. Een baby schreeuwt en poept. Ziedaar, het Woord dat vlees werd!
Het Woord werd vlees: een mens. Jezus groeide op, onderworpen aan alles wat bij het mensenbestaan hoort. Armoede, ziekte – ze bedreigden ook Hem. Hij was een verachte Jood, in land dat bezet werd door de Romeinen. Zijn medemensen stootten Hem uit, en uiteindelijk werd hij gruwelijk vermoord aan een kruis. Het Woord dat vlees werd! Kunt u het begrijpen?
Je kunt je afvragen wanneer Jezus bij het opgroeien ging beseffen wie Hij was, en in hoeverre. Dat zijn interessante theologische speculaties. Maar andersom hoeven we ons dat niet af te vragen. De eeuwige Zoon van God, het Woord, wist zéér geod wat het inhield om een mens te worden. Hij weet immers alles? En tóch koos Hij ervoor om deze weg te gaan. Baby, mens, gekruisigde…
Het woord is vlees geworden, en heeft onder ons gewoond! Om mensen bij God te brengen, kwam God zó naar de mensen. En je zou bijna roepen ‘o God, wat doe je jezelf aan! Waar begin je aan?’ Maar Hij wist het én Hij deed heet.

[aanbidding]
En daarom is er maar één ding op zijn plaats op deze kerstavond: aanbidden bij de kribbe. Héél stil en eerbiedig en verbaasd buigen voor dat kindje daar in de voerbak. Omdat Hij het Woord is dat vlees werd. Stil aanbidden, omdat er geen woorden voor zijn. Dat iemand zóveel over kan hebben voor mensen, voor ons… voor u… Dit is onze God! “die” zegt een oude geloofsbelijdenis, “om ons mensen, en ons behoud, is nedergekomen uit de hemel, en vlees is geworden door de Heilige Geest uit de maagd Maria, en een mens geworden is”. Het is onvoorstelbaar! Dat God zó ver gaat. Zó nabij komt. Sta maar stil, en laat het op je inwerken. Dan kun je toch niet anders dan je buigen en zeggen: U heb ik lief! U wil ik dienen, goede Here Jezus! U, Woord dat vlees werd!
Aanbidden bij de kribbe. So wie so vanwege het wonder van de menswording. Maar helemaal als je beseft waaróm Hij dit deed. Denk weer aan dat rare voorbeeld van het begin. Zou je een hond willen worden? Als je daarmee alle honden zou kunnen helpen en redden? Jezus ís gekomen om alle mensen te helpen en redding te bieden. Het bleef niet bij een kribbe. Hij groeide op – hij bracht God bij de mensen. En het liep uit op een kruis – waar hij de zonde van de wereld droeg. Zijn liefde is reden voor aanbidding – so wie so al, maar helemáál als je beseft dat zijn liefde ons leven is! Ons behoud.
Kom dan, op deze kerstavond, en zing voor Hem! Aanbid Hem met heel je hart, geef Hem de eer! “Zo arm werd de Heer, der engelen Heer/ die zondaren mint, zo nameloos teer/ die hen wil vergeven, hoeveel het ook zij:/ zó arm werd de Heiland voor u en voor mij!”

Amen

Advertenties