Tags

, ,

Gemeente van Jezus Christus,

[intro]
vanochtend hebben we het Heilig Avondmaal gevierd – tenminste, wie vanochtend hier in de kerk was. En anders wellich op een andere plaats, nu of bijvoorbeeld vorige week. Het Heilig Avondmaal gevierd, deelgenomen aan de maaltijd van Jezus – en nu? Het leven gaat gewoon weer verder. maakt het enig verschil dat je hier aan Jezus’ tafel zat?
U bent in de kerk. Nu, en waarschijnlijk wel vaker. Morgen wordt het weer maandag. Maakt het enig verschil voor de maandag hoe de zondag was ingevuld?
De meesten van u zullen zichzelf gelovig noemen, christen. Maar is dat meer dan een label? Maakt dat uit in de dagelijkse praktijk? Stelt u zichzelf eens voor dat u morgen afscheid neemt van het geloof. Zou u er een ander leven van krijgen, of zouden de dingen eigenlijk gewoon hetzelfde zijn?
Geloven in God en het leven van je dagelijks leven. Het gevaar is dat het gescheiden werelden worden! Het ene voor de zondag, het andere voor de maandag tot en met zaterdag. Geloof diep in je hart, en als houvast in nood – maar je hoofd en je handen doen en denken net als de buurman. God voor de binnenkamer, niet voor de buitenwereld. En zo kan ik wel doorgaan, het punt zal duidelijk zijn.
Dit is een groot gevaar, ik merk en voel het zelf ook. In onze tijd is er sterk die neiging om religie ‘achter de voordeur te houden’ zoals dat heet. Een privé-zaak. Maar… dit botst met wat geloven is: leven met God élke dag, alles doortrekkend wat je doet. Of tenminste, dat is wat het zou het moeten zijn…

 

[gevolgen van geloven/Jezus ontmoeten]
Wij vierden vanmorgen het Avondmaal hier in de kerk. Aan de tafel mogen we Jezus Zelf ontmoeten, zoals Hij zich geeft in brood en wijn. Aan de tafel mogen we kracht ontvangen, mogen we Gods Geest ontvangen, om elke dag te leven uit Hem. Daarvoor heeft Hij het Avondmaal ingesteld – tot versterking van het geloof. Om dichter bij Hem te komen, en meer uit Hem te leven.
Jezus ontmoeten. Dat is ook wat Saulus overkwam, we hoorden er van morgen over. Op de weg naar Damascus werd hij ineens van zijn paard gegooid, en in een stralend licht ontmoette hij de Heer – degene wiens volgelingen hij vervolgde! Een ontmoeting die zijn leven veranderde. Een bekering en roeping ineens was het, om voortaan een prediker te zijn voor Jezus. Hij werd zelf een volgeling van Jezus, een christen, een gelovige.
Nu had Paulus dit bijzondere meegemaakt, en nu? Wat doet dit in zijn leven? Eigenlijk dezelfde vraag als waar ik zojuist mee begon! Zeker, Saulus is een bijzonder geval. Zijn ontmoeting met Jezus kun je niet gelijk stellen met hoe je Jezus ontmoet aan de tafel. Hij werd geroepen tot een bijzondere taak, uniek. Maar toch… ik denk dat ook wij kunnen leren van wat Saulus doet en wat er met Hem gebeurt nu hij gelovig is geworden.
Uit de geschiedenis van Saulus zoals we die hoorden wil ik enkele lijnen trekken, drie om precies te zijn. Als eerste: Saulus komt uit voor zijn Heer. Als tweede: Saulus krijgt te maken met tegenstand. en ten derde: Saulus sluit zich aan bij een gemeente. We lopen gewoon het Bijbelgedeelte door, dan komen we deze drie dingen wel tegen. Hoe hij getuigt, hoe hij tegenstand ervaart, en hoe hij bij de gemeente zich aansluit.

 

[1: getuigen van Jezus]
Als eerste dus: Saulus komt uit voor zijn Heer. Dat is het eerste wat we horen. Hij ontmoette Jezus, hij is gedoopt, hij kan weer zien… en dan vervolgt de Bijbel: en metéén predikte hij Christus in de synagogen, dat Hij de zoon van God is. En allen die het hoorden waren buiten zichzelf van verbazing. Ze zeiden: is dit niet die christenvervolger? En nu is hij ineens vol van die Jezus Christus?? Hoe kan dit?
Ja, hoe kan dit? Dat kan maar op één manier: omdat Saulus er vól van is. Vol van de genade en liefde die hij, vervolger, mocht ontvangen van Jezus. Vol van de Heilige Geest is hij, die laat hem zo vrijmoedig spreken. Immers, Ananias had hem hiervoor de handen opgelegd, ‘opdat’ zei hij, ‘u u weer ziende zou worden en door de Heilige Geest vervuld zou worden’. Saulus spreekt en getuigt van Jezus, zijn Heer. Zie hier een heel duidelijk effect van de ontmoeting met Hem.
Geloof wil getuigen. Zou dat tegenwoordig ook niet gelden? Ja, Saulus was op een unieke manier geroepen tot prediker, dat weet ik. Maar toch: als je zelf de vrede van God hebt gevonden, de vreugde van vergeving, of hoe je het maar noemen wilt, dan wil je toch ook dat anderen dat ook krijgen? Dan ga je zoeken hoe je er iets over kunt uitdragen. Of niet?
Elke christen is een getuige! Maar met dat ik dat zeg, rijzen er allerlei vragen. Hoe doe je dat dan? Of ik doe dat helemaal niet, en ik heb er eigenlijk ook geen zin in. En zit iemand daar wel op te wachten? Wij mensen van nu zijn over het algemeen flink gevormd door dat idee van ‘geloof is privé’! Je geloof uitdragen. Ik denk aan die man die soms te zien is bij een groot station. Hij heeft een rek met foldertjes bij zich, en hij spreekt iedereen luid aan die in zijn buurt komt. ‘Kent u Jezus al?’ Wat denkt u als u die man ziet? Doe je snel een schietgebedje om zegen voor hem, of voel je misschien plaatsvervangende schaamte? Ikzelf zou in elk geval zorgen dat ik genoeg op een afstand bleef om niet aangesproken te worden!

Moet het zo? Misschien als je daartoe geroepen wordt. Maar uitkomen voor je Heer kan op zoveel manieren. En meestal niet tegen wildvreemden, maar tegen de mensen in je omgeving. Doet u dat? Ik vraag niet of u het kúnt, of dat het al effect heeft – maar zoekt u wel hoe u uw geloof kunt uitdragen? In woorden, maar ook in daden. In keuzes die je maakt, staan voor je principes; maar nog veel meer in echte belangstelling voor een ander. En dan ook, als dat passend is, in ets dat je zegt. ‘Ik zal voor je bidden’. Of soms hoef je alleen maar antwoord te geven, komt er vanzelf een vraag naar wat je bezielt.
Een eerste lijn om mee te nemen: wie zelf leeft met Jezus, wil ook dat anderen Hem kennen. Daar zullen we vanaf volgende week, bij het nieuwe jaarthema, nog veel meer over gaan horen!

[2: tegenstand ervaren]
Als Saulus zo uitkomt voor zijn nieuwe overtuiging, krijgt hij echter ook te maken met tegenstand. Als de mensen Saulus horen, zijn ze stomverbaasd. Maar daar blijft het niet bij! Er ontstaat groeiende wrijving. Zijn voormalige vrienden worden zijn vijanden. De voormalige vervolger wordt zelf vervolgd. In vers 23 lezen we dat er zelfs een plan beraamd werd om hem te doden. Saulus moet vluchten, en omdat de stadspoorten bewaakt worden, doet hij dat in een mand die vanaf de stadsmuur wordt neergelaten. Hij gaat naar Jerusalem, maar ook daar is hij niet veilig. Geen wonder, hier zitten zijn oude vrienden met wie hij samen Stefanus stenigde! Dus opnieuw moet hij weg, de wijk nemen naar Tarsus, zijn geboorteplaats.
Hier zien we een tweede lijn in dit stukje: geloof wekt weerstand. Bij Saulus gold dit wel is het bijzonder, omdat hij een bekend iemand was die radicaal omdraaide en zijn bekering bepaald niet verborg. Hij blijft een speciaal geval! Maar ten diepste is het is nog altijd zo: Jezus volgen kan weerstand wekken. Vele broeders en zusters wereldwijd kunnen daarvan meepraten. Soms vervolging door de overheid, maar nog veel vaker weerstand vanuit de omgeving: dorpsgenoten, religieuze leiders… Lees anders de berichten van ‘Open Doors’ maar eens.
Ze schrijven bijvoorbeeld over Lorenzo, een christen uit Mexico – een land waar officieel godsdienstvrijheid is. In het dorpje van Lorenzo levert zijn geloof echter weerstand op. Hij kan zijn geloof niet verborgen houden, want hij wil niet meedoen met indiaanse ceremonies voor de geesten als er een dorpsfeest is. Gevolg: de leiders zeggen dat hij maar ergens anders moet gaan wonen. Daar heeft Lorzenzo natuurlijk geen zin in: hier is zijn akker! Maar na zo’n feest wordt zijn huisje vernield en hij met zijn gezin gewoon weggejaagd. Wat heeft hij misdaan? Niets! Maar geloof wekt weerstand!
Nu denkt u misschien: nou, van tegenstand ervaren wij hier niet veel. Dat is meestal waar, ja. Aan de ene kat komt dat doordat er nog veel christelijke resten in onze samenleving zijn. Maar aan de andere kant: komt het misschien ook omdat wij ons geloof veilig achter de voordeur houden? Hoe meer je voor je Heer uitkomt, hoe meer je zult merken dat dat bijvoorbeeld ook schampere reacties oproept.
Wees maar blij als je hier in alle rust christen kunt zijn! Je hoeft vervolging niet te wensen of op te zoeken. Maar neem dit mee: bij geloof in Jezus is het normaal als je te maken krijgt met tegenstand!
In onze maatschappij kun je soms een tendens waarnemen die echt negatief oordeelt over geloof, ook christelijk geloof. Zeker op TV onder hoogopgeleide 45-plussers lijkt het gemeengoed, bij Pouw en Witteman bijvoorbeeld: geloof is achterhaald. En dat niet alleen, het is ook een bron van geweld, en van intolerantie tegen bijvoorbeeld homo’s, tegen emancipatie, enzovoorts. Dan komt al snel de gedachte: kunnen we deze kwalijke invloed niet wat terugdringen? Wees je bewust van zulke ideeën die leven in de maatschappij!
Geloven is tegen de stroom ingaan van deze tijd, en eigenlijk van elke tijd. Maar gelukkig: God zelf geeft kracht. Hij is erbij met zijn Geest, Hij wil ons sterken door woord en brood en wijn!

 

[3: deel zijn van een gemeenschap]
Ten derde nog dit: Saulus sluit zich na zijn bekering aan bij de christelijke gemeente. Dat is in zijn geval minder logisch dan het lijkt. Hij was niet tot geloof gekomen omdat hij over Jezus gehoord had van andere christenen. Nee, hij has Jezus Zelf ontmoet, letterlijk zijn stem gehoord. Na die ontmoeting gaat hij in zijn eentje preken. Nog sterker: uit vers 15 blijkt in de beste grondtekst dat hij zelf al leerlingen had, volgelingen die door hem waren gaan geloven. Je zou zeggen: Saulus kan zijn eigen kerk starten. Maar zo gaat het toch niet! In Jeruzalem gekomen zoekt hij aansluiting bij de christengemeente die er al is. Dat kost enige moeite, en niet verwonderlijk: de christenen kunnen niet geloven dat hij echt christen is geworden! Dankzij Barnabas wordt Paulus toch opgenomen in de kring, deel van de gemeenschap.
Dit is de derde lijn die we kunnen doortrekken: wie Jezus volgt, sluit zich als het goed is aan bij anderen. Op je eentje geloven gaat niet goed! Ik kom ze helaas wel tegen, mensen die zeggen ‘ja, ik geloof wel hoor. Maar daar heb ik geen kerk voor nodig’. Gevolg: hun geloof is langzaam aan het uitdoven. Als een stuk hout dat je uit een vuur trekt en apart legt – dat brandt na een tijdje niet meer maar wordt koud! Wie geloven in Jezus hebben elkaar nodig. Daarom roept Hij ons samen om een gemeente te zijn. Daarom laat Hij ons samen aan één tafel zitten. Dat is zo goed, en zo nodig! Juist in een wereld die geloof terugdringt als privé-zaak, juist in een tijd waar je tegenstand kunt voelen, is het zo nodig om een andere atmosfeer in te ademen. In de gemeente, waar niet de tijdgeest, maar de Heilige Geest de toon aangeeft als het goed is.
Wie gelooft, zoekt de gemeenschap met andere gelovigen. Dat is veel méér dan zondag in de kerk zitten. Dat is ook: jezelf geven, je zorgen en vragen delen. Dat gaat het beste in kleinere kring, bijvoorbeeld in een gespreksgroep. Ik wil u echt aanmoedigen: doe daarin mee, als ze binnenkort beginnen. Dat is gemeente-zijn: samen de Bijbel lezen, spreken, bidden. Om zo opgebouwd te worden en elkaar te steunen. Wees erbij!
Juist in de gemeente, in grotere en kleinere kring, krijg je kracht. Dan is geloven niet dingen moeten, zoals ‘ik moet toch ook getuigen’. Dan is geloven niet: een fijen kring mensen alleen. Dan is geloven: sámen zijn met Jezus in het midden, zoals het heilig Avondmaal zo mooi weergeeft. Hoe meer dat leeft, hoe meer het als vanzelf zal gaan, dat je voor je Heer uitkomt. Hoe meer je staande kunt blijven als er weerstand is. Wie gelooft, sluit zich aan bij anderen! Alleen samen zijn we sterk, alleen samen kun je goed Gods lof zingen!

[slot]
Zo hebben we wat lijnen gezien uit Saulus’ leven sinds hij Jezus kent. Leg uw eigen leven er eens naast! Getuig van Hem die onze Heer is, met woorden en daden, te beginnen bij de mensen om u heen. Wees voorbereid op weerstand – dat is normaal. Weet dat je een minderheid bent in een ongelovig geworden cultuur. Maar weet ook: Jezus is bij ons! En daarom: kom bij elkaar als kerk en kring, word bemodigd en bemoedig anderen. De Geest van God moge ons allen sterken, zoals Hij al deed in het Heilig Avondmaal, om deze weg te gaan.

Amen

Advertenties