Overdenking Witte Donderdag 2023 ‘het bloed van het verbond’

Tags

, , , ,

Uit de Bijbel is gelezen: Exodus 24:3-9 en Markus 14:22:26.

Gemeente van Jezus Christus,

[verbondssluiting met bloed toen]
Daar sta je dan! Samen met heel je gezin, al je bekenden, met heel het volk van Israël. Met schoongewassen kleren, want dat was de opdracht. Onderaan de berg Sinai sta je, middenin de woestijn. En wat gaat er nu gebeuren? Mozes, de leider, heeft een grote schaal vast, en een grote kwast. In de schaal zit bloed. Je hebt het zelf gezien, hoe er net een paar stieren zijn geslacht, hoe het bloed is opgevangen in grote schalen. Op de achtergrond stijgt de rook nog op van het altaar, en je ruikt de doordringende geur van het offer.
Dit is een plechtig moment. De Heer, de God die jou en heel je volk uit Egypte heeft bevrijd, sluit vandaag een verbond met jou en de anderen. Hij zal je God zijn, en jullie zijn volk. En kijk, wat gebeurt er nu? Mozes pakt de kwast. Hij doopt hem in de schaal. En dan sprenkelt hij zó dat bloed over de mensen heen. Over jou, over je kinderen, over iedereen. Je pasgewassen kleren krijgen rode spetters erop. Er zit zelfs bloed op je gezicht. Wat is dit? ‘Dit,’ zegt Mozes, ‘is het bloed van het verbond, dat de Heer met u gesloten heeft’.
Een moment om nooit te vergeten! Hier gebéurt iets, iets heel belangrijks, zelfs de kinderen voelen het aan. Nu ben je aan de Heer verbonden. Aan die grote God, die je heeft bevrijd uit Egypte. Hij heeft zijn regels gegeven – iedereen heeft ze gehoord en er mee ingestemd. Hij heeft zijn zegen beloofd, hij leidt je naar het beloofde land. En jij – hoort – bij – Hem. Zowaar er bloedspetters op je kleren zitten. Zowaar er offerbloed heeft gevloeid. Voor altijd de zijne! Wat een voorrecht. Wat een verantwoordelijkheid ook. Hier begint iets nieuws: een volk, helemaal voor de Heer!

[link met HA nu]
Daar zit je dan! Als leerling van Jezus, aan tafel toen bij die laatste Pesachmaaltijd met hem. Daar zit je dan, als leerling van Jezus straks aan het Heilig Avondmaal hier! En wat gebeurt er? Jezus reikt je een beker aan. Een beker bloedrode wijn, en Hij zegt erbij: ‘dit is mijn bloed, het bloed van het nieuwe verbond’. Een beker bloed, dat is een aangrijpend symbool! Gelukkig is het wijn. Maar tegelijk toch: Jezus’ bloed. Wat is dit? ‘Dit,’ zegt de Heer, ‘is het bloed van het nieuwe verbond, dat voor velen vergoten wordt’.
Een moment om nooit te vergeten, toen aan die tafel bij Jezus. En het ís ook niet vergeten. Alle eeuwen door hebben de volgelingen van Jezus de beker doorgegeven, eruit gedronken. Want hier gebéurt iets, er gebeurde iets, iets heel belangrijks. Jezus’ bloed maakt een nieuw verbond. De beker bloed, de beker wijn, zegt het, net als het bloed toen bij de berg: jij – hoort – bij – de – Heer! God heeft je uitgekozen. Hij leidt je naar het beloofde land. Er begint iets nieuws: een volk van God, uit alle volken verzameld, om voor Hem te leven. En zo waar je de wijn proeft, jij hoort erbij! Wat een voorrecht, wat een verantwoordelijkheid!

Toen bij de berg werden offers gebracht. Maar eens, op Golgotha, werd een offer gebracht, nog veel groter. Jezus offert zichzelf op voor ons. Om de zonden te verzoenen, om een volk te verzamelen, om een nieuw begin te geven. Zíjn bloed bezegelt een nieuw verbond, voor alle volken. Iedereen die Gods beloftes en Gods gebonden hoort en ermee instemt, wordt aan God verbonden. Doordat Jezus’ bloed vloeide voor ons.
Nee, wij drinken geen bloed. Nee, wij krijgen geen spetters op ons witte overhemd. Maar bloed, dat wil in de Bijbel zeggen: leven. Hij, de Heer, gaf zijn leven. Wij ontvangen zijn leven, mogen het indrinken met de wijn. Altijd weer, met talloze gelovigen wereldwijd vanavond. Jezus gaf ons het Avondmaal. Hij geeft ons zichzelf. Hij maakt ons aan God verbonden.

Amen

Preek ‘dienen als Hij’ – bevestiging diaken

Tags

, , ,

Uit de Bijbel is gelezen: Markus 15:1-20 en Filippenzen 2:1-11

Gemeente van Jezus Christus,

[intro]
Ik kan er kwaad van worden, wat gebeurt! Als je op je in laat werken hoe het proces van Jezus bij Pilatus in zijn werk is gegaan. Zo compleet oneerlijk, zo helemaal los van alles wat recht mag heten. Daar komen de Joodse leiders in een opgewonden troep, met Jezus geboeid in hun midden. Voor hen staat het al vast: die man moet dood. Niet omdat hij kwaad deed, maar omdat hij hen ergert. Nu hebben ze alleen nog de handtekening van Pilatus nodig, de Romeinse gouverneur. Alleen hij mag een doodvonnis uitspreken.
De Joodse leiders zijn fanatiek, Pilatus lijkt nonchalant. Hij doet geen onderzoek naar recht en onrecht, hij kijkt simpelweg wat praktisch handig is. Willen de mensen dat Barabbas wordt vrijgelaten? Vooruit dan maar – al is het dan een moordenaar. Willen de leiders en het volk dat deze zwijgende man wordt gekruisigd? Vooruit dan maar – al is hij totaal onschuldig. Dit is toch ongelooflijk, hoe er hier met mensenlevens wordt omgegaan! Hoe de rechter geen recht doet. Ik kan er kwaad van worden. Maar Jezus zwijgt.
En dan de mishandeling en vernedering, compleet zinloos. Jezus wordt gegeseld – een akelige Romeinse marteling, waarbij je hele rug kapot wordt geslagen met een scherpe zweep. Hij wordt uitgedost als een spotkoning, met een purperen mantel en een kroon van doorntakken. ‘Avé, Jodenkoning!’ roepen de soldaten en ze buigen voor hem. En meteen daarna: een harde klap op de doornenkroon, zodat het bloed over zijn gezicht loopt. Spuugklodders vliegen naar hem toe. De soldaten hebben de grootste lol. Ik zou willen roepen: kun je wel, tegen zo’n weerloze gevangene! Is dat nu eerlijk? Maar de soldaten lachen, en Jezus zwijgt.

[weerstand tegen de oproep: wees zó gezind…]
Ja, zo tekent het evangelie ons Jezus, onze Heer, als hij voor Pilatus staat. Een akelig tafereel. En opvallend: Lees verder

Preek Markus 14:43-65

Tags

, ,

Gemeente van Jezus Christus,

[duisternis toen]
Het is een duister Bijbelgedeelte dat we samen lazen. De gevangenneming en het verhoor van Jezus. Letterlijk duister, en figuurlijk net zo goed. Het is goed denk ik, om het hele gebeuren eerst maar gewoon eens te Laten doordringen. On het vóór je te zien. Om te voelen hóe donker dit alles is. Hoe de nacht zwart is, juist op dit moment.
Probeer er in gedachten eens bij te zijn. Het is nacht, en veel verlichting was er destijds niet. Jezus is in een donkere tuin met zijn leerlingen. In gebed heeft hij geworsteld met wat komt. En kijk, daar komt het al! Fakkels met gelig licht naderen door de nacht. Een ongeordende troep mensen met zwaarden en knuppels komt aanstampen. Judas gaat voorop, de verrader. Met een onschuldig gezicht komt hij naar Jezus toe en kust hem. Op dat teken wordt Jezus vastgegrepen en afgevoerd. Wat een duister verraad! En Jezus’ leerlingen? Ze gaan er vandoor, allemaal! Hij is alleen tussen zijn vijanden.
Vervolgens komt Jezus terecht in een onordelijke vergadering van de Sanhedrin, de Joodse rechtbank. Midden in de nacht zijn ze samengekomen, in hun haast om kwaad te doen. We gaan een schemerige zaal in, verlicht met flakkerende olielampen die rare schaduwen werpen. Daar staat Jezus, gevangen en gebonden. Alle regels van het recht worden met voeten getreden in deze nachtelijke hoorzitting. De uitkomst staat allang vast: Jezus moet veroordeeld, moet dood. Deze vreemde prediker bedreigt de gevestigde belangen, en dat mag niet. Onbeschaamd worden valse getuigen gebruikt. Wat een duisternis, ook figuurlijk! Het begint met botte berekening, het wordt aangevuld met pure haat. Jezus, geboeid en gebonden, wordt bespuugd. Hij wordt geblinddoekt en in het gezicht geslagen. Ze drijven de spot met hem als profeet. Alle kwaadaardigheid komt los. Een weerloos mens wordt afgetuigd en vernederd, en iedereen doet mee. En daarna? Jezus wordt afgevoerd om gedood te worden. Ook weer afgehandeld.
Werkelijk, wat een duisternis! In deze nacht heeft het kwaad zwaar de overhand. Wie goed wil, is allang gevlucht of staat machteloos. Jezus zelf zwijgt, waar verdedigen zinloos is. Een akelig tafereel, en tegelijk maar al te reëel. Al te voorstelbaar, dat zulke dingen gebeuren.

[duisternis nu]
Dergelijke dingen gebeuren nu ook. In onze Lees verder

Preek Markus 14:26-31 ‘falende radicaliteit’

Tags

, ,

Gemeente van Jezus Christus,

[intro]
val je jezelf wel eens tegen? Het kan in heel eenvoudige dingen zijn: had je je voorgenomen om maat te houden, en heb je al TV-kijkend toch de hele zak chips leeggegeten. Hè, stom! Of ikzelf – ik had me een tijdje geleden voorgenomen om eerder op te staan om voor het ontbijt uit de Bijbel te lezen, maar dat hield ik maar even vol… Je kunt je voornemen iets niét te doen, iets wél te doen, maar de uitvoering valt vaak tegen. Ja, zolang het meezit en het niet te moeilijk is, dán lukt het wel. Op tijd naar bed gaan, op tijd opstaan, ik noem maar iets eenvoudigs. Maar als het lastig wordt nemen andere dingen het over. Dit en dat moet toch af? Dus het wordt al later, en juist dan, als je moe bent, val je weer in je oude patronen. Toch die serie uitkijken, toch nog even die telefoon pakken… Je blijkt niet sterk te zijn als je dacht!
Jezelf tegenvallen. Het kan ook in grotere dingen. Als je denkt een klus op het werk te klaren, maar je merkt dat het niet lukt, dat het je vermogen net te boven gaat. Of als je op school merkt dat je een bepaald niveau niet gaat halen – heb je niet hard genoeg gewerkt? Zit het gewoon niet in je? dat kan echt rot voelen. Je kunt jezelf tegenvallen in heel grote dingen: hoe je een relatie hebt laten kapotgaat bijvoorbeeld. Of denk aan iemand met een verslaving – die valt zichzelf elke dag tegen…
De tijd waarin we leven maakt het niet makkelijker trouwens, om met zulke dingen om te gaan. Lees verder

Preek Biddag 2023 ‘Luistert Hij wel?’

Tags

, , ,

Gemeente van Jezus Christus,

[de ‘opppervlakteles’]
Het is vandaag weer biddag voor gewas en arbeid. Het gaat vandaag over gebed. Dus: wat kan passender zijn dan een preek over Lucas 18 vers 1? “Een gelijkenis”, zo lezen we, “over de noodzaak om altijd te bidden en niet op te geven”. De gelijkenis van de onrechtvaardige rechter, zo staat dit gedeelte bekend. En, heel handig, de boodschap van de gelijkenis is er door Lucas gewoon al boven gezet. Altijd bidden, en daarbij niet opgeven.
Op het eerste gehoor is het allemaal heel duidelijk. Jezus vertelt een verhaal over een vrouw die blijft vragen aan een rechter, die hem aan zijn hoofd blijft zeuren totdat hij haar geeft wat ze wil. En de les lijkt dan ook niet moeilijk. Het is een kwestie van “hoeveel te meer” – iets wat we ook elders in gelijkenissen vinden. Als die rechter al geeft wanneer je maar blijft vragen, hoeveel te meer zal God jou niet geven wat je vraagt, wanneer je het hem blijft vragen!?. Want God is natuurlijk veel beter dan zo’n onrechtvaardige rechter. Oftewel, de les die er al boven staat: blijf volhouden in het bidden, in het vragen aan God!
Dat is direct iets voor ons om in de spiegel te kijken: altijd bidden, zegt Jezus. Dat kan natuurlijk niet letterlijk – maar hoeveel bid jij, bidt u eigenlijk? Heb je ook meer dan alleen het vaste gebed voor het eten, of als je gaat slapen? En weet je ook iets van vólhouden in gebed? Niet maar eens een keertje bidden ergens voor, maar iets steeds weer bij de Here God brengen – omdat het belangrijk is. En houd je ook vol als je niet direct verhoring ziet? Of heb je het al snel opgegeven? Jezus vertelt ons vanavond die gelijkenis, over de noodzaak om altijd te bidden en niet op te geven!

[een vreemde vergelijking]
Maar laten we er nog eens goed naar kijken. Eigenlijk is dit een rare gelijkenis, een vreemde vergelijking. Lees verder

Preek Markus 8:34 ‘radicaal’

Tags

,

Gemeente van Jezus Christus,

[intro]
Bent u, ben jij radicaal in het geloof? Ben je een radicale christen, 100% toegewijd aan de Heer? Een grote vraag misschien wel mee te beginnen, maar daar wil ik het vanmorgen over hebben. Staan wij als hervormde gemeente van Woudrichem bekend als radicaal? Of misschien juist helemaal niet, misschien wel als lauw en flauw?
Wat is dat eigenlijk, radicaal christen zijn? Ik moet denken aan een man waar ik van hoorde, jaren terug alweer. Hij was lid van een kerk, maar geloof leefde niet echt voor hem. Voetbal was veel belangrijker, en zijn vriendengroep met wie hij uitging naar feesten en festivals. Maar toen kwam de man tot een levend geloof, en dat zorgde ervoor dat hij zijn leven radicaal omgooide. Hij nam al zijn cd’s met niet-christelijke muziek, en sloeg die met een hamer kapot op de tegels in zijn achtertuin! Even voor de jeugd: een CD is zo’n ding dat je vroeger nodig had om muziek te luisteren, uit de tijd vóór Spotify en Streaming. Hij vernietigde die muziek. En dat niet alleen. Hij stopte helemaal met roken en drinken. Hij ging heel anders met zijn vriendin om, die kreeg het beter. Regelmatig was hij voortaan met anderen bij het winkelcentrum te vinden om daar te evangeliseren. Kijk, dat is radicaal, toch?
Als je zo’n verhaal hoort, dan steekt mijn toewijding daar flets bij af, en die van u of jou waarschijnlijk ook. Maar ja, misschien komt dat omdat je niet zo’n radicaal omkeermoment kent. Misschien ben je nooit erg uit de band gesprongen. Een zegen! Maar kun je ook dan radicaal christen zijn? Wat is dat eigenlijk? Waar blijkt het uit dat je Jezus volgt? Wat onderscheidt je van de wereld? En is dat eigenlijk wel waar het om gaat? Lees verder

Preek ‘in de boot zonder Jezus?’ Markus 6:45-52

Tags

, ,

Gemeente van Jezus Christus,

[de leerlingen]
Vanmorgen horen we over het wonder van de wonderbaarlijke broodvermenigvuldiging. Zo’n bijzonder moment, met velen het brood eten dat Jezus gaf, op het groene gras in de stralen van de ondergaande zon. Veilig en vredig, verzadiging en verbazing. Maar nu is dat voorbij. Hoe gaat het verder? De Bijbel vertelt het ons: “meteen daarna gelastte hij, Jezus, zijn leerlingen om in de boot te stappen en alvast naar de overkant te varen; intussen zou hij zelf de menigte wegsturen”.
Laten we ons eens in de leerlingen verplaatsen. Jezus stuurt hen het meer op, terwijl de zon al ondergaat. Het is circa 12 km varen naar de overkant, dus ze zullen in het donker moeten varen. Daarbij komt dat de wind uit de verkeerde richting waait, dus dat zal hard roeien worden. Ik kan me voorstellen dat de leerlingen niet erg enthousiast worden over deze opdracht. Bovendien zijn ze moe. In het voorgaande is te lezen hoe ze terugkwamen bij Jezus, nadat hij ze door het land had laten trekken in groepen van twee. Jezus was met hen naar deze kant gevaren van het meer, om daar hopelijk wat rust te vinden. Maar dat was niet gelukt, de mensen waren achter hun aangekomen. Ook nu hebben ze weer een lange drukke dag gehad. En na die lange dag wacht dus een nachtelijke reis. Opdracht van de Heer zelf!
Misschien beseften ze het eerst niet zo, maar denk je in hoe het halverwege de nacht moest zijn geweest. Het is donker om hen heen, ze komen nauwelijks vooruit door de harde tegenwind. Het is koud op het water, ze zijn moe. Waarom heeft Jezus ze hierheen gestuurd? Waarom is hij zelf niet meegegaan? Helpt hij hen niet, laat hij hen los?
Ze trekken aan de riemen en zwoegen voort. De sfeer van die wonderlijke, bovenaardse maaltijd van net zijn ze helemaal kwijt. Het weten dat de Heer bij ze is, dat Hij geeft wat nodig is. Nee, ze zijn zonder hem, in het donker. Wat een contrast!

[wij als de leerlingen]
Laat ik meteen maar met de deur in huis vallen: ik denk dat deze leerlingen een beeld kunnen zijn van hoe het soms in ons leven gaat. Lees verder

Overdenking Markus 6:41, viering Heilig Avondmaal

Tags

, ,

Gemeente van Jezus Christus,

[Intro]

We lazen uit de Bijbel die geschiedenis van de wonderbaarlijke broodvermenigvuldiging. Voor velen zal het een bekend verhaal zijn. vanmorgen wil ik de nadruk leggen op vers 41. Laten we dat eens stukje voor stukje lezen en voor ons zien wat Jezus daar doet [gebaar erbij]:

  • Hij nam de broden en de vissen
  • hij keek omhoog naar de hemel en sprak het zegengebed uit
  • hij brak de broden
  • hij gaf ze aan zijn leerlingen
  • om ze aan de menigte uit te delen

Als je dit zo voor je ziet, waar doet dat dan aan denken? Het is precies wat bij het heilig avondmaal gebeurt. brood nemen, danken, breken, en delen. En het lijkt mij geen toeval dat Marcus het op deze manier opschrijft. Het is alsof hij wil zeggen: “wat daar gebeurde bij dat meer, dat gebeurt nog elke keer”. Als wij vandaag het heilig avondmaal vieren, is het alsof wij als het ware ook daar zitten. Op het groene gras, bij het meer van Tiberias. We hadden het er van de week over op groot huisbezoek van wijk 3, dat er zoveel aspecten zitten aan het Avondmaal. En Laten we vanmorgen dan dit aspect, deze kant er eens uitlichten: avondmaal aan het meer, bij de Heer.

[dit bijzondere moment]

Jezus zocht een moment rust met zijn leerlingen. een hele menigte mensen is hen echter gevolgd tot aan de andere kant van het meer. rust krijgen ze niet. Jezus gaat weer bezig met tot hen te spreken, onderwijs te geven. Maar dan wordt het avond. de zon hangt al vrij laag, en magen beginnen te rommelen. Tijd om te stoppen en naar huis te gaan, of in elk geval om ergens eten te gaan kopen. Een beetje zoals na een dag op vakantie, wanneer je van alles hebt bezichtigd of gedaan, en je moe en hongerig begint te worden. Het is mooi geweest!

De leerlingen zeggen het, de mensen voelen het: de dag is om. Niemand verwacht van Jezus dat hij hen te eten zal geven, niemand vraagt om een wonder. Waarom zouden ze ook? Er is niets tot nu toe geweest want in die richting wijst. En Jezus stopt ook met spreken. Maar dan doet hij iets onverwachts. hij vraagt naar het voedsel dat er is, en hij laat alle mensen zitten daar op het gras. Je moet weten, als er destijds werd gesproken, bijvoorbeeld in een synagoge, dan zát de spreker, maar de hoorders stonden. Heel stonden ook in deze kerk geen banken, je luisterde staande. Zo stonden de mensen ook naar de Heer te luisteren. Maar nu zegt Jezus dat iedereen moet gaan zitten. Ik zie in gedachten een hele beweging door de mensen gaan, als ze omlaag gaan. Ze kijken vol verwachting: wat gaat er nu gebeuren?

Dit: dat Jezus brood neemt, en vis, dankt en breekt en deelt. Onverwachts krijgen ze een avondmaaltijd. Daar zitten ze dan, in groepen, in de stralen van de laagstaande zon. Ze eten en raken verzadigd. De hemelkoepel boven hen, groen gras onder hen, en genoeg voor allen – terwijl er bijna niets was! Wat moet dit bijzonder zijn geweest! Gedempt klinken vele stemmen. En Jezus? Hij staat in het midden.

Dit groene gras is als de groene weiden waar psalm 23 van zingt, waar de goede herder zijn schapen heenleidt. Het is als een stukje van het oude paradijs, of als een voorsmaak van Gods grote toekomst. Dit is niet alleen voedsel voor het lichaam, maar voor heel je wezen. Het is góed.

[Wat Jezus eerder gaf en nu]

Jezus geeft hier iets anders dan hij tot nu toe deed. Hij gaf onderwijs, hij verkondigde Gods Koninkrijk. Zo horen wij hier in de kerk ook elke week woorden van God, onderwijs en troost en aansporing. Dat is voorrecht, een zegen. Maar deze keer geeft Jezus meer. Voedsel, verzadiging, proeven dat hij goed is. Als wij vandaag het avondmaal vieren, mogen wij als het ware daarbij aanschuiven. Niet zozeer horen, maar voelen, proeven, ervaren dat de Heer goed is!

Jezus deed destijds ook veel wonderen. Hij hielp mensen, hij genas en bevrijdde. Dat was bijzonder genoeg! En ook nu mogen wij soms gelukkig ervaren dat de Heer helpt, dat hij heelt, dat hij bevrijdt uit waar je in vastzit. Een zegen, als je daar iets van weet. Maar hier, op deze heuvel, geeft Jezus iets waar niemand om vraagt. Zomaar! Een maaltijd, overvloed, gewoon omdat hij dat wil. Een moment waar de zorgen wegvallen in plaats van opgelost worden met een wonder.

Je kunt vanmorgen gekomen zijn met allerlei dingen die drukken. Moeite op het werk, wrijving met mensen, zorgen om geld, zorgen om gezondheid. Net als er toen mensen bij waren die verdriet hadden of problemen, en daarvoor de Heer zochten. Je kunt vol vragen zitten. Maar wat gebeurt er? Ze mochten gaan zitten zoals Jezus aanwees. Wij mogen gaan zitten, op Jezus uitnodiging. Geen onderwijs aanhoren, maar rust vinden. Kracht krijgen. Want de Heer zelf deelt uit. Zomaar – aan jou! Brood dat smaakt naar barmhartigheid; vis die hij zelf is – want het Griekse woord voor vis, “ichthus” was bij de vroege christenen een afkorting die staat voor “Jezus Christus, Gods zoon, redder”. Hij deelt zichzelf uit!

[verbazing, vreugde en vrede]

Voor de mensen die het meemaakten, moet deze eenvoudige maaltijd van brood en vis wel heel bijzonder zijn geweest.

Allereerst was er natuurlijk verbazing. Wat gaat er gebeuren? Wil hij met ons een maaltijd houden? Ja, dat wil Jezus. Dat is al bijzonder genoeg! Samen eten is een teken van gemeenschap. Hij wil horen bij al deze gewone mensen. voor hen zorgen. Misschien hebben wij al vaak het avondmaal gevierd. Voel je ook die verbazing nog? Dat de Heer jou uitnodigt aan zijn tafel! Dat zijn zorg en liefde uitgaat naar ons. Hij stuurt ons niet weg om het elders te gaan zoeken. Hij zegt: ga zitten, ik reik het je aan!

Verbazing moet daar zijn geweest, maar ook vreugde. Heel simpel: we krijgen te eten! Er wordt voor ons gezorgd. Maar nog meer door het wónder ervan. Zou je daar niet enthousiast van worden, als je voor je ogen ziet gebeuren dat er overvloed komt aan brood, op een onbegrijpelijke manier? Als je beseft hoe machtig de Heer is, en dat hij jou daarmee dienen wil! Als je voelt hoe goed Hij is, zou je daar niet blij worden? Ook vandaag aan de tafel. Als je dat grote wonder voor ogen ziet, dat hij zich gaf voor jou. Dat er genade en aanvaarding is, voor jou, zomaar een mens, een zondig mens nog wel. Zou je dan geen vreugde voelen, verbaasde vreugde?

Toch denk ik niet aan uitbundig gejuich daar bij dat meer. Nee, ik stel me eerder een gevoel van vrede voor. Daar zo zitten met velen, gezegend zijn, de zakkende zon. Stille verbazing om wat er gebeurt. Vrede, met de Heer in het midden. Sjaloom. Alles goed, even. Ik kan daar soms diep naar verlangen. Juist omdat het leven vaak zo onrustig is en zonder vrede, zo vaak níet goed en zoals God het bedoelt. Wat een wonder als je daar dan iets van mag proeven, al is het maar even. Wat een wonder dat Jezus het brood dan deelt, ook vandaag!

[Afronding]

Zo werd daar de maaltijd gehouden. Hongerige magen werden gevuld. Maar ik denk ook dat innerlijke leegte, onvrede, verdriet, bij sommigen werd gestild. Dat geloof groeide in deze rabbi, die zoveel méér is dan een leraar. De Heer is Hij van hemel en aarde – ook onze Heer!

Ach, en er zit nog zoveel in deze geschiedenis. Bijvoorbeeld dat er twaalf manden overbleven, voor elke leerling één – het is een vooruitwijzing naar hoe ze later het levende brood uitdelen overal. Maar dat is voor later. Dit moment, van gevoed worden onder een open hemel, dit moment van verbazing, vreugde en vrede – het is nu. Het is goed, want de Heer zelf geeft en deelt! “Met spijs en drank in overvloed/ wilt Gij ons hart verblijden”.

Amen

Preek Markus 4:26-35

Tags

,

Uit de Bijbel is gelezen: Ezechiël 17:22-24 en Markus 4:26-35

 

Gemeente van Jezus Christus,

[intro]
Velen van u zullen wel eens in een vliegtuig hebben gezeten. Ikzelf ging ook eens voor het eerst vliegen, En ik moet zeggen dat ik dat een spannende ervaring vond. Niet het hoog in de lucht vliegen, dat is eigenlijk gewoon saai, Maar het opstijgen. Je zit in zo’n vliegtuigstoel, met je gordel om, en dat vliegtuig gaat steeds harder rijden over de startbaan. Eerst zo hard als een auto, dan zo hard als een raceauto, en het blijft maar harder gaan. In tussen komt het vliegtuig nog steeds niet los van de grond. Angstig keek ik uit het raam, en ik dacht bij mezelf: als dat maar goed gaat. En dan ineens komt het vliegtuig wel los, en hang je helemaal achterover in je stoel terwijl de motoren loeien – ook best eng.
Wat misschien nog het engste van alles is, is dat je helemaal geen controle hebt. Je zit daar, en Je moet maar hopen dat het goed gaat. Je kunt helemaal niets doen. En natuurlijk, je weet wel dat het beter is dat een ervaren piloot stuurknuppel in handen houdt, en niet jij; maar toch… Het zou een heel wat prettiger gevoel geven als je het idee hebt dat je zelf wat aan goed opstijgen kon bijdragen.
in de auto hebben sommige mensen dat ook. Als ze op de bijrijdersstoel zitten, kunnen ze het niet Laten om vreselijk mee te rijden. Te kijken wat de bestuurder doet, te kijken naar verkeer uit zijstraten, en af en toe misschien zelfs iets te zeggen: kijk uit, hij zit nog achter je! Andere mensen hebben daar helemaal geen last van. Die gaan lekker zitten op de bijrijdersstoel, en vertrouwen zich helemaal toe aan de stuurmanskunsten van de chauffeur.
Controle willen hebben of vertrouwend loslaten. Daar gaat het vanmorgen over in de preek.

[de gelijkenis]
Uit het evangelie van Marcus lazen we twee korte gelijkenissen. Twee simpele verhaaltjes waarmee Jezus iets wil zeggen: Over zaad dat groeit, en over een klein mosterdzaadje dat een grote plant wordt.
Wat is Lees verder

Preek ‘geloof doorgeven’

Tags

, , ,

Gemeente van Jezus Christus,

[intro: estafette]350
Aan het begin van deze dienst gaven we een Bijbel door. Zo konden we er iets van ervaren, hoe de dingen van God bij anderen komen doordat ze worden doorgegeven. Zo kan het evangelie zich verspreiden, steeds verder. Maar het gaat bij doorgeven van geloof niet alleen om afstanden overbruggen. Minstens zo belangrijk is het doorgeven door de tijd. Op de catecheseles deze week gebruikte ik het voorbeeld van een estafette. Een estafette, dat is zo’n race waarbij een stokje wordt doorgegeven. Ik heb er hier een bij me [laat zien]. het stokje wordt doorgegeven van de ene renner naar de andere, en zo komt het bij de finish.
Net zo is het met het christelijk geloof ook. Sinds het startpunt, dat is Jezus zelf, is het stokje van het geloof steeds doorgegeven van generatie op generatie. Van Jezus naar de apostelen, naar weer andere mensen, en zo misschien tot aan jouw overgrootouders, grootouders, ouders, en zo naar jou. Gelukkig komen er ook mensen tot geloof die het geloof niet van hun ouders aangereikt kregen, maar ook dan ontvang je op een of andere manier van anderen het estafettestokje dat al eeuwen wordt doorgegeven.
Bij zo’n estafette is er één moment heel belangrijk, en ook het spannendst: dat is het doorgeven. Een stukje rennen zal wel lukken, maar met het overpakken kun je cruciale tijd verliezen. Als het doorgeven fout gaat, als het stokje valt, dan is de race zeker verloren. Op de catecheseles liet ik een filmpje zien van de Olympische Spelen, waarop dat overgeven niet helemaal goed ging. Als het goed gaat lijkt het zo simpel, maar als je dan in slowmotion ziet hoe het ook fout kan gaan, dan besef je hoe spannend het doorgeven is. Zelfs getrainde topatleten doen het dus niet altijd goed…
Doorgeven – zo is het met geloof ook. Lees verder